Vier dagen op stap met het Belgische leger

FOTO. Het verhaal achter Donza Response, deel 2

'De Fotografen' liepen vier dagen mee met Donza Response en maakten niet alleen een karrenvracht foto’s maar beleefden af en toe net geen hachelijke, maar toch memorabele ogenblikken. Ive Steyaert en Catherine Lamont vertellen hun verhaal in vier afleveringen. Ive klom daarvoor in zijn pen en samen met Cat(herine) liet hij wel duizendmaal de ontspanner klikken.

Dinsdag 27 november 2018. Al om kwart voor acht sta ik bij Cat aan de deur. Als we om 8 uur aan de Brielpoort aankomen, lopen we luitenant-kolonel en geboren en getogen Deinzenaar Yves De Neve tegen het lijf. Hij stelt zich voor, wij doen het zelfde. Na de korte babbel krijgen we in de Brielpoort een rood armbandje rond de rechterpols. Zo kunnen we vandaag overal heen. We staan niet op de lijst maar de militairen zijn duidelijk gebriefd dat er twee fotograven van Stad Deinze rond lopen. 

Zelf ben ik wat nerveus. Om 10 uur is de vlucht met de Sea-King gepland, opstijgen in het midden van de atletiekpiste. Ondertussen stroomt de Brielpoort vol met figuranten. Volwassenen maar ook klassen van het lager en middelbaar onderwijs. Ik krijg ondertussen de melding van Jasper dat de helikoptervlucht een uur verdaagd is door de mist. Cat en ik drinken nog een pot koffie en besluiten dan foto’s te nemen van de figuranten in de zaal en van hoe ze buiten de zaal in de kleine transportvrachtwagens van het merk Unimog geladen en getransporteerd worden naar het “rampgebied” in Astene.

Ik krijg een volgende melding van Jasper, vlucht Sea-King opnieuw vertraagd. Ons schema van deze dag komt in het gevaar. Samen met Jasper spreken we af dat we toch naar het rampgebied in Astene rijden, we zien wel, onze smartphones worden op het luidst gezet. We voelen nu letterlijk en figuurlijk nattigheid, de vlucht zal er niet komen, de hemel wordt steeds grijzer en grijzer, de mist is spelbreker. Op weg naar de auto stoten we op Leiedam op een kolonne legervoertuigen. Zo proberen via de poort aan de Leiedam de parking van Sint-Theresia binnen te rijden. Dat verloopt niet van een leien dakje. De ingang is smal, de legervoertuigen zijn breed. Met de nodige maneuvers geraken ze er. We stappen verder naar de auto en rijden door naar Astene.

In Astene is er op het eerste zicht weinig bedrijvigheid. We besluiten poolshoogte te nemen bij de dam. De militairen staan in groep, we zoeken een plaatsje tussen hen. “We hebben een mol gevonden,” zegt er eentje trots. Eén voor één verhuist het donzige diertje van militair naar militair. Hun gezichten zijn goud waard. De stoere soldatengezichten veranderen in bewonderende kindergezichten. Ik ben zodanig onder de indruk dat ik dit vergeet fotografisch vast te leggen. De mol belandt ten slotte in de handen van Cat. Samen zoeken we een plaats uit waar we het blinde diertje zijn vrijheid kunnen terug geven.

Een soldaat neemt ons mee naar de dam. Hij legt ons de werking uit en zo komen we te weten dat er een probleem was met de stabiliteit. De uitleg is te technisch om hier neer te pennen. Er is blijkbaar gewerkt tot halfvier in de nacht.

We hebben het hier gezien. We keren terug en maken via de River Ranch een wandeling naar Maaigemdijk, een vorm van wachten… Ondertussen fotograferen we de bootjes met slachtoffers, ze worden geëvacueerd naar de Brielpoort. Wat opvalt is dat een aantal leerlingen van het middelbaar er echt niet naar gekleed zijn. Ze zagen en klagen over koude voeten maar wat wil je met witte schoentjes en fijne, korte sokjes. Nog altijd is er geen nieuws van Jasper, onze fotografie wordt langzaam maar zeker bezigheidstherapie tot we plots het geronk van een Sea-King horen. Ik bel naar Jasper, hij weet van niets. Maar kort erna volgt het verlossend telefoontje. We moeten ons standby houden, de vlucht komt er, alleen is het uur niet bekend. We zullen met een militair voertuig opgehaald worden.

Cat en ik hervatten onze bezigheidstherapie. Maar lang duurt die niet, plots gaat het heel snel. Ondertussen cirkelt een Sea-King boven onze hoofden, net als twee Agusta-helikopters. Een politiecombi brengt ons met zwaailichten naar de plaats van opstijgen. Het is nu echt actie. We worden afgezet in de landingsweide en lopen mee met andere passagiers naar de Sea-King. Maar lang duurt onze run niet. We worden molenwiekend tegengehouden door één van de verantwoordelijken. We mogen niet mee met de Sea-King. Onze ontgoocheling druipt er nu echt van. In de weide wordt o.a. onze burgemeester Jan Vermeulen de helikopter in gewincht.

We gaan terug naar de weg waar ondertussen tientallen toeschouwers staan. Zij hebben het hels lawaai van de helikopters gehoord en zijn hierheen gekomen. Links van ons staat een Agusta-helikopter vertrekkensklaar. We proberen Jasper te bereiken, geen gehoor. Hier staan we dan, niet wetend wat we moeten doen. Cat blijft bij de Agusta-helikopter, ik ga richting Vosselare Put om nog wat foto’s te nemen van de passanten. Ik voel me diep ontgoocheld, maar er zijn ergere dingen in het leven.

Plots tikt een soldaat op mijn schouder. “Excuseer me maar er staat iemand te roepen naar u.” Ik kijk achterom en zie Cat hevig met de armen zwaaiend te springen. Ik kom dichterbij en hoor uiteindelijk haar roepen: “We mogen mee, we mogen mee!”. Ik begin te sprinten, of toch iets wat in mijn geval op sprinten gelijkt… De helikopterpiloot begeleidt ons in een soort gebogen ganzenpas naar het toestel. We worden door hem vastgeklikt en krijgen een koptelefoon opgezet. Voor we het beseffen, hangen we in de lucht. De piloot vraagt ons waarheen hij moet vliegen. Ik antwoord: “Naar het opvallend gebouw op 2 uur.”. Hij bevestigt en voor we het goed beseffen hangen we boven het imposante gebouw waar ik werk, de muziekacademie. Daarna cirkelt hij nog een twintigtal minuten met ons rond boven Deinze. Het is genieten geblazen, we horen elkaar niet. De koptelefoon van Cat doet het niet, we redden ons met gebarentaal. Eens terug op de begane grond, voelen we ons de koning te rijk. We glunderen als twee kleine kinderen, nagenietend van een unieke ervaring.

We rijden terug naar Deinze. Als we de weg naar de Brielpoort indraaien, wacht ons een volgende verrassing. Een verrassing die niet vermeld is tijdens de briefing… De deathride is al operationeel! Cat begint te fladderen, ik kijk haar aan.  “Daar wil ik hangen”, roept ze. Ze kan niet rap genoeg uit de auto zijn. Onze wegen scheiden vandaag voor het eerst. Ik blijf beneden, zij gaat naar boven. Enkele minuten later glijdt ze aan den draad naar beneden. “Jij ook?” vraagt ze. “Nee,” antwoord ik. “Ik heb pijn aan mijn linkerknie” en ik wijs naar mijn rechterknie… " Meteen is dit het einde van dag 2. Op naar dag 3.

Corrigeer

Doe de stemcheck van Het Nieuwsblad en ontdek met welke partij jij het best overeenkomt.

Auto's in de kijker

Vastgoed

Jobs in de regio