Wout van Aert over zijn eerste Sanremo: “Ik zal niet tevreden zijn als ik gewoon anoniem zou uitrijden”

Wout van Aert over zijn eerste Sanremo: “Ik zal niet tevreden zijn als ik gewoon anoniem zou uitrijden”

En weer staat Wout van Aert (24) voor een mijlpaal. Zijn allereerste Milaan-Sanremo. De eerste keer tout court dat hij op één dag 300 kilometer zal rijden. Maar Van Aert zou Van Aert niet zijn, mocht hij niet stiekem toch een plannetje hebben: “Ik zou liegen als ik zaterdag tevreden ben als ik gewoon ­anoniem zou uitrijden.”

Klik hier voor onze digitale wielergids

Geen nerveuzere wedstrijd dan Milaan-Sanremo, maar debutant Wout van Aert heeft zijn stressmoment al achter de rug. Toen hij donderdagnamiddag op het punt stond naar Zaventem te rijden om naar Milaan te vliegen, bleek zijn vlucht gecanceld. “Ik werd thuis zo nerveus als iets, zat mijn koffers in en uit te pakken. Gelukkig bleek er nog een laatavondvlucht te zijn.” Stress voor de wedstrijd heeft hij allerminst. Toen in december op de ploegvoorstelling bleek dat hij voor het eerst La Primavera zou rijden, was het enthousiasme ver te zoeken. “Milaan-Sanremo is een koers waar ik vroeger zelfs mijn tv niet voor aanzette.”

Bij een groene thee in het Grand Milano Hotel is het speerpunt van Jumbo-Visma al iets genuanceerder. “Ik bleef niet thuis om naar Milaan-Sanremo te kijken. Als ik toch keek, was het zo laat mogelijk. Nog na de Cipressa. De kijker thuis heeft niks aan het spanningselement dat er in de laatste tien kilometer nog dertig man kan winnen, maar nu ik er zelf in zit, vind ik dat eigenlijk wel boeiend. De sfeer, de opbouw, dat is toch anders dan in het veldrijden. Ik wist niet dat ik het zo leuk zou vinden om altijd in groep op pad te zijn. Het klinkt stom, maar ik vind het gewoon al schoon dat ik zaterdagavond zal kunnen zeggen dat ik ooit eens Milaan-Sanremo heb gereden. Weer eentje dat ik kan afvinken.”

Van Aert pakt Milaan-Sanremo aan onder het motto: we zien wel. “Ik rijd hier vooral in functie van de andere klassiekers. Een goeie training. Ik reed nog nooit 300 kilometer op één dag, maar het schrikt mij niet af. Uiteindelijk duurt de koers niet zoveel langer dan de Ronde van Vlaanderen. In de klassiekers van vorig jaar was ik op het einde ook nog steeds goed.”

Geen verkenning

Anders dan Sunweb of Trek-Sega­fredo ging Jumbo-Visma de finale niet verkennen. “Te veel gedoe. Het is zelfs nooit ter sprake gekomen. Omdat ik buiten de beklimming van de Poggio nog nooit Sanremo op tv heb gezien, weet ik niet wat ik mag verwachten. Ik heb al geleerd dat er voor de Cipressa nog enkele capi liggen, maar vraag mij niet hoe ze heten. Ik ga mij nog eens verdiepen op Veloviewer, een programma waarop je routes van wedstrijden kan bekijken door foto’s van Google Street View supersnel na elkaar te plaatsen. Niet dat ik elk rondpunt onthoud, maar je krijgt een impressie.”

Toen hij in 2016 nog voltijds crosser was en op fietsen van Colnago reed, kreeg Van Aert al eens een indruk van Milaan-Sanremo. Hij werd uitgenodigd voor een fabriekbezoek bij Colnago en kon via Wilfried Peeters de wedstrijd volgen als vip bij Quick Step. “Eerlijk, dan is er nog minder aan dan thuis voor de tv. Je ziet werkelijk niks van de koers. De renners zien passeren, terug in de auto springen en dan proberen het peloton weer in te halen. Ik heb het peloton misschien vier keer zien passeren. De laatste keer was op 60 kilometer van de streep, en dan waren we nog maar net op tijd aan de finish. Ik heb de Cipressa en de Poggio dus echt nog nooit gezien. Van de Poggio weet ik enkel dat het niet steil is. Veel jongens denken dat ze erover geraken, ik ook.” (lacht)

Altijd op het podium in Italië

Als belofte in de cross van Rome, als prof in de cross van Fiuggi en op de weg in de Strade Bianche: in elke Italiaanse koers die Van Aert al reed, stond hij ook op het podium. “Een mooie statistiek. Ik zou liegen als ik zeg dat ik zaterdag tevreden zou zijn met gewoon 300 kilometer in de benen. Ik hoop toch dat ik mij kan laten zien. Na de Strade ging het ook echt supergoed op training. Ik geloof dus wel dat ik hier echt iets kan doen.” Hoe hij dat ziet, weet hij niet precies. “Aanvallen op de Poggio? Dat zou de max zijn, maar ik zal al blij zijn als ik kan meeschuiven. Ik zou trouwens begot niet weten waar ik zou moeten demarreren, omdat ik niet weet hoe ver het dan nog tot de top is.”

Met Dylan Groenewegen heeft Jumbo-Visma ook één van de snelste sprinters in de rangen. “Het spreekt voor zich dat als Dylan over de Poggio geraakt, hij kopman is. Iedereen heeft hem zien sprinten de laatste weken.” Toch start Groenewegen niet als kopman. “Het is ook zijn eerste keer. Hij weet net als ik niet hoever hij in zo’n koers geraakt. Met ook nog Danny van Poppel en Mike Teunissen starten we alle vier in een vrije rol. Het is niet omdat de Strade zo goed was, dat we alles op mij moeten zetten. In een ideaal scenario zitten Danny en ik nog vooraan op de Poggio en kunnen we mee schuiven. De afdaling is berucht, maar ze zullen mij er niet kunnen lossen. Ik ben geen superdaler of een gek zoals Sagan, maar ook geen kluns.”

Corrigeer

DE DIGITALE WIELERGIDS

Klik hier

nb-logo


Het Nieuwsblad biedt meer dan 1.000 reeksen in 12 sporten aan. Zoek hierboven de uitslagen van uw favoriete club of surf naar onze uitslagenpagina.