Belgische voetballers verdienen te veel: lonen liggen in totaal 50 miljoen hoger dan twee jaar geleden

Belgische voetballers verdienen te veel: lonen liggen in totaal 50 miljoen hoger dan twee jaar geleden

Een beeld uit Anderlecht-Oostende, twee van de slechtste leerlingen uit de klas Foto: BELGA

Het gemiddeld bruto jaarloon voor een voetballer in de Belgische eerste klasse bedroeg afgelopen seizoen 338.007 euro. En dat is veel te veel. De loondruk bedraagt intussen 76 procent, terwijl dat bij een gezonde onderneming rond de 50 procent zou moeten liggen.

Voor velen kwam de 87 miljoen euro verlies van het Belgisch profvoetbal uit de lucht vallen. Twee jaar geleden boekten de eersteklassers nog 40 miljoen euro winst. Hoe is het zo snel kunnen keren? Als we een blik werpen op de jaarrekeningen van de clubs, dan merken we dat de totale inkomsten de afgelopen twee seizoenen met 35 miljoen euro gestegen zijn tot 575 miljoen euro, terwijl de spelerslonen een stijging kenden van 50 miljoen euro. Intussen wordt er jaarlijks 300 miljoen euro betaald aan de spelers, een verdubbeling in acht jaar tijd.

“In plaats van extra inkomsten uit transfers te investeren in duurzame dingen – zoals infrastructuur – pompen de clubs alles in hogere spelerslonen”, legt sporteconoom Trudo Dejonghe uit. “Een gevolg van wat we in de economie het freerider-principe noemen. Winnen is in het voetbal belangrijker dan winst. Als een bepaalde club meer kan winnen door hogere lonen te betalen, dan doet ze dat gewoon. Gevolg is dat de andere clubs mee moeten in dat opbod om niet in de problemen te komen. En dat zorgt dus voor een fikse stijging van de spelerslonen.”

LEES OOK. Alle jaarrekeningen doorgelicht: dit is onze ranking van eersteklassers, en dit zeggen ze er zelf over

Strenger voor niet-EU-spelers

Wat kan er dan gedaan worden om dit te voorkomen? “In de eerste plaats moeten de voorwaarden voor niet-EU-spelers fors verstrengd worden”, vindt Dejonghe. “De minimumlonen van die spelers moeten omhoog. Op die manier komen in België in ieder geval al geen tweederangsbuitenlanders terecht. Zeker in 1B, wat eigenlijk een opleidingscompetitie zou moeten zijn, is dat nu een probleem. Verder moeten er volgens mij drie dalers en drie stijgers komen van 1A naar 1B. Op die manier voelen clubs aan dat 1B niet het einde hoeft te zijn. Er zijn immers drie kansen op vijf om meteen weer te promoveren. Zo zullen ze misschien geen gekke dingen meer doen om toch per se in 1A te blijven. Kijk nu bijvoorbeeld naar Cercle Brugge dat in de wintermercato nog heel wat spelers heeft bijgekocht en nu plots met een enorm grote kern zit. Een kern van maximum 25 spelers zou ook kunnen bijdragen tot de oplossing. Maar dat moet Europees aangepakt worden.”

Ook makelaars verdienden meer

Dejonghe ziet ook nog een andere belangrijke factor voor het enorme verliescijfer: de gestegen makelaarspremies. “Vorig jaar is er bijna 50 miljoen euro naar deze nutteloze tussenpersonen weggevloeid. Dat is hemeltergend. Zeker als je dan ziet dat er daarrond ook nog eens heel wat dubieuze constructies zijn opgezet.”

Volgend jaar zou het natuurlijk weer helemaal anders kunnen zijn. Dankzij een aantal grote transfers zou er opnieuw winst kunnen geboekt worden. Zullen het opnieuw vooral de spelers zijn die hiervan zullen profiteren? Of volgen er duurzame investeringen? De vraag stellen, is ze beantwoorden.

Corrigeer

Het Nieuwsblad biedt meer dan 3.000 reeksen in 28 sporten aan. Zoek hierboven de uitslagen van uw favoriete club of surf naar onze uitslagenpagina.