Bentleys, sportzakken vol cash en Don Jaime-cava: “Ze noemen me een sjoemelaar, maar ik win elk proces”

De blok, deel 2: Rudolf (67), de zelfverklaarde keizer van Oostende op de 34ste verdieping

Bentleys, sportzakken vol cash en Don Jaime-cava: “Ze noemen me een sjoemelaar, maar ik win elk proces”
/ Oostende -

Een privélift, het schoonste vergezicht van Oostende, een Maserati: Rudolf Marchand (67) heeft het allemaal. Al hebben ze hem die auto wel afgepakt. Het gerecht ziet in hem een grote sjoemelaar. Hijzelf niet. Een noeste neringdoener, dat wel. ­Charmeur. Flauwe plezante. En eeuwige vrijgezel die helemaal alleen – met zijn oude moeder – daarboven in zijn penthouse op het 34ste zit. “Ik ben een te moeilijke mens voor een vrouw om mee samen te leven”, zegt hij. Met een knipoog er achteraan.

Het is de hoogste woontoren van de kust, en wordt weggezet als de lelijkste. Het Europacentrum in Oostende, waar de geest van La Flandre Profonde door alle gangen waait. Wie zou daar allemaal wonen? Onze ...