Belangrijkste hervorming voor openbaar vervoer in decennia loopt vertraging op door één belangrijke schakel

Belangrijkste hervorming voor openbaar vervoer in decennia loopt vertraging op door één belangrijke schakel

Op 1 januari 2022 zou normaal gezien de “basisbereikbaarheid” moeten ingaan, de grootste hervorming van het openbaar vervoer in decennia. Maar minister Lydia Peeters stelt het hele project nu voor onbepaalde tijd uit. Een procedure bij de Raad van State gooit roet in het eten.

Meer en snellere trams en bussen tussen de steden, minder bussen die leeg rondrijden en meer gebruik van taxi’s en deelfietsen. Dat is in enkele woorden de essentie van “basisbereikbaarheid”, de grootschalige hervorming die de vorige Vlaamse minister van Mobiliteit, Ben Weyts (N-VA), op de sporen heeft gezet. Normaal gezien had die al op 1 januari 2021 moeten ingaan, maar Weyts’ opvolger Lydia Peeters (Open VLD) heeft het uitgesteld tot 1 januari 2022. Nu moet ze dat opnieuw uitstellen. Tot wanneer, is nog niet bekend.

Aanleiding is de vertraging bij één belangrijke schakel, de zogenaamde mobiliteitscentrale. Dat is een platform dat via telefoon en app “mobiliteit op maat” aanbiedt, om bijvoorbeeld via shuttlebusjes, taxi’s of deelfietsen op de meest afgelegen plekken te geraken, ter vervanging van de belbussen. Na de hervorming zal dat meer dan ooit nodig zijn, want de minst bevolkte lijnen worden verder afgebouwd.

Oorspronkelijk was het de bedoeling dat De Lijn dat platform zou organiseren, maar de openbaarvervoersmaatschappij is afgehaakt. De opdracht gaat nu naar een privébedrijf, maar een van de andere geïnteresseerde bedrijven trekt tegen die beslissing naar de Raad van State. “Ik moet helaas tot de conclusie komen dat 1 januari 2022 door deze procedure niet langer haalbaar is”, zei minister Peeters donderdagavond in het Vlaams Parlement. Via een persbericht liet ze nadien weten dat daarmee ook de hele hervorming naar “basisbereikbaarheid” on hold staat. Haar administratie onderzoekt wat een haalbare nieuwe datum kan zijn, mogelijk halfweg 2022.

“We vreesden al langer dat de timing te krap zou zijn”, zegt Peter Thoelen, woordvoerder van TreinTramBus. “Tegelijk biedt dit de kans om de hele hervorming nog eens kritisch tegen het licht te houden.” Dat zegt ook mobiliteitsexpert Dirk Lauwers (Universiteit Antwerpen). “Dit is de belangrijkste hervorming van het openbaar vervoer in decennia”, zegt hij. “In het verleden werd er altijd voortgeborduurd op de bestaande lijnen, nu komen er voor het eerst fundamentele ingrepen. Dit uitstel geeft meer tijd om die ingrepen goed te onderzoeken. Zo is er in bepaalde landelijke gebieden een hoger risico op vervoersarmoede omdat er geen bussen meer komen. Het zou goed zijn om dat extra te bekijken.”

Ook in het Vlaams Parlement zijn de reacties niet negatief. “Er zullen ongetwijfeld nog andere procedures bij de Raad van State komen, die nog extra tijd vergen”, zegt CD&V-parlementslid Karin Brouwers. “Wanneer de vervoerregio’s bijvoorbeeld een taxibedrijf kiezen om mee samen te werken, zullen andere kandidaten wel protesteren.” Ook oppositiepartij Groen kan zich vinden in het uitstel. “Wij pleitten daar al langer voor, omdat we vreesden dat het anders in het honderd zou lopen”, zegt parlementslid Stijn Bex. “Het is alleen jammer dat minister Peeters het nu pas doet wanneer ze met de rug tegen de muur staat.”

Corrigeer

MEER NIEUWS