'Bond is veel te streng'

VELDLOPEN ZONDAG CROSSCUP IN ROESELARE Ex-coryfee Ingrid Delagrange geeft haar mening over vroeger en nu

VELDLOPEN ZONDAG CROSSCUP IN ROESELARE Ex-coryfee Ingrid Delagrange geeft haar mening over vroeger en nu

Veerle Dejaeghere (links) en Ingrid Delagrange stonden samen al negen keer op het hoogste schavotje van de CrossCup-manche in Roeselare. Bart Vandenbroucke Foto: © Bart Vandenbroucke/VDB

MENEN - De manche van de CrossCup in Roeselare begint zondag om 10 uur met de 3 km Veerle Dejaeghere en de 10 km Ingrid Delagrange. De organisatoren herinneren met deze naamgeving van de inleidende stratenlopen aan de belangrijkste West-Vlaamse zegekapers van hun veldloop. Hans Vanbesien

Veerle Dejaeghere won vorig jaar voor de vijfde keer de Roeselaarse CrossCup-manche. De Ardooise, die momenteel bij haar zus inwoont, evenaarde daarmee het record van de Brusselse Véronique Collard. Ingrid Delagrange stond vier keer op het hoogste podiumtrapje: in 1983, 1984 en 1985 op de terreinen van het KTA aan de Westlaan en in 1993 in Dominiek Savio in Gits. De thans 51-jarige Menense stadsbediende werd tevens vier keer winnares van het eindklassement van de CrossCup.

'Mijn naambekendheid dankte ik vooral aan de CrossCup en Roeselare in het bijzonder, ook al draaide ik even goed rondjes op de piste', vertelt Ingrid Delagrange. 'Zo behoor ik met 4'11,17 over 1.500m en 8'57,91 over 3.000m nog steeds tot de nationale top-10 aller tijden, maar dat was lopen voor vijf man en een paardenkop. In de CrossCup probeerde ik altijd mijn beste beentje voor te zetten, ook voor Jos Van Roy. Hij zorgde ervoor dat de wedstrijden vanaf het begin in 1981 op televisie kwamen en kreeg steeds voldoende middelen bijeen om 's lands beste veldlopers tegen mekaar uit te spelen. Ik durf zelf stellen dat zonder hem het veldlopen in ons land al lang was doodgebloed.'

Delagrange nam dertien keer deel in Roeselare en stond twaalf keer op het podium. 'Toch schoot ik er zelfs in mijn beste jaren niet bovenuit zoals Veerle Dejaeghere in het lopende decennium. Ik botste meermaals op Véronique Collard, Linda Milo en Lieve Slegers, maar net die strijd maakte het aantrekkelijk. Gemakkelijke winst zoeken in streekcrossjes was nooit aan mij besteed. Wanneer er geen CrossCup was, zocht ik de tegenstand in het buitenland op. Het WK sprak minder tot mijn verbeelding. Ik voelde mij er op het einde van het seizoen meestal te vermoeid voor. Ik kwam dan ook niet verder dan een 65ste plaats in 1986, een 50ste in 1988 en een 79ste in 1991. Het EK, dat voor het eerst in 1994 plaats vond, kwam te laat voor mij. Mijn achillespees ging onder het mes en de revalidatie duurde twee jaar, mede omdat ik te snel weer in actie kwam en herviel. Ik was 37 jaar en kon na twee operaties het niveau van weleer niet meer aan. Jammer, want op mijn best zat de top-10 er in op een EK.'

'Ik begrijp trouwens niet waarom de bond tegenwoordig zo'n strenge selectiecriteria voor het EK oplegt', besluit Delagrange. 'Zo dreigt er slechts één landgenoot in Dublin in actie te komen bij de seniorcross voor mannen en vrouwen. Daarmee wakker je bij de jeugd de interesse voor het veldlopen niet aan.'

Corrigeer

Doe de stemcheck van Het Nieuwsblad en ontdek met welke partij jij het best overeenkomt.

Auto's in de kijker

Vastgoed

Jobs in de regio