Nederlands onderzoek naar opvallende overlijdens van 34 jongens in jaren 50

'Verdachte' broeder verhuisde naar Belgische abdij

'Verdachte' broeder verhuisde naar Belgische abdij

Foto: WFA JOHN PETERS

Dat er in de jaren 50 snel na elkaar 34 jongens in een Nederlandse katholieke instelling stierven, zou begonnen zijn na de aanstelling van een 'minder geschikte' broeder. Het is één van de denksporen die in Nederland circuleren. Opvallend: de broeder zou daarna naar een Belgisch trappistenklooster verhuisd zijn.

Het openbaar ministerie van Roermond onderzoekt sinds mei de dood van 34 jongetjes die tussen 1952 en 1954 stierven in een psychiatrische instelling in het Nederlandse Heel (Limburg). De jongens hadden een handicap en werden opgevangen in het klooster van de Broeders van de Heilige Joseph, een Nederlandse katholieke orde. Het onderzoek kwam er na een tip van een commissie die in Nederland seksueel misbruik door geestelijken onderzoekt, en bij archiefwerk op het hoge sterftecijfer botste.

Ook bij de meisjesinstelling Sint-Anna van dezelfde congregatie stierven in die periode 40 meisjes. Dat wordt vooralsnog niet onderzocht.

Eigenwijze man

Een oud-broeder van de congregatie wees gisteren in De Telegraaf op een voormalig lid: 'De kinderen die stierven waren heel jong, vanaf een jaar of zes, en lagen altijd te bed. Ze werden op een bepaald moment verzorgd door een collega-broeder. Een eigenwijze man. Niemand mocht zich met de verpleging bemoeien. Hij was eerder werkzaam geweest in de keuken en de tuin.'

Pas toen het dodental opliep en een dokter het bisdom waarschuwde, zou er zijn ingegrepen. 'Hij deed eigenlijk niets voor die kinderen. Ze lagen daar maar. Toch was er van opzet geen sprake, werd ons gezegd. Hij was minder geschikt. Zijn opvolger haalde de kinderen weer naar buiten, en organiseerde allerlei activiteiten. Toen was het afgelopen met de kindersterfte.'

Op bromfiets naar Lourdes

'We willen niet gezegd hebben dat hij de schuldige is', nuanceerde een andere oud-broeder gisteren het verhaal tegenover onze krant. 'Omdat er geen notulen bewaard zijn, kunnen we zelfs niet meer exact nagaan of hij in de instelling werkte in de periode waarvan nu sprake is. Maar het was een vreemde situatie.'

De bewuste broeder zou jaren later in België beland zijn. 'Hij werd aanvankelijk overgeplaatst naar Sterksel (bij Eindhoven), maar later is hij van orde veranderd. Dat ging zo: hij wou met een bromfiets naar Lourdes rijden, maar hij kreeg motorpech. Vlak voor de abdij van Rochefort. Dat was voor hem een teken om in te treden bij de trappistenorde. Omdat hij geen Frans sprak, is hij later overgestapt naar een Vlaamse abdij - ik dacht die van Westvleteren.' Bij de Sint Sixtus-abdij in Vleteren konden ze gisteren niet onmiddellijk uitsluitsel geven.

De Nederlandse broeder zou, na een verblijf in een rusthuis, een vijftal jaren geleden overleden zijn.

Ongediplomeerd

Een Nederlandse onderzoekster voerde in 1995 al een onderzoek naar de beide instellingen, en concludeerde dat de ziekenafdeling in de jaren 50 in handen was van een ongediplomeerde verpleger. Of het om dezelfde broeder gaat, is niet duidelijk. De enige gediplomeerde broeder vertrok in 1951, en de congregatie vond nergens geschoold personeel.

'Er doen verschillende pistes de ronde in de media', zegt het openbaar ministerie van Roermond, dat niet meer communiceert over de zaak. 'We concentreren ons op ons eigen onderzoek.'

Corrigeer

IN HET NIEUWS

Verkiezingen in jouw gemeente:

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees