Girobaas Michele Acquarone wil Italiaanse rittenkoers opnieuw internationale uitstraling geven

Giro-baas: 'Ik droom van start in VS'

Giro-baas: 'Ik droom van start in VS'

Foto: IMAGEGLOBE

'Ik wil in de toekomst alle toppers aan de start van de Giro', zegt Girobaas Michele Acquarone. 'Het moet een droom zijn van elke ronderenner om alle drie de rittenwedstrijden aan zijn palmares toe te voegen. Er is nog een lange weg af te leggen, maar ik geloof er in dat de Giro weldra opnieuw tot de verbeelding spreekt.'

Dinsdagochtend, 9.45 uur in hotel Elena in Italië. Een kwartiertje vroeger zijn we op de afspraak voor een interview met Michele Acquarone, de grote baas van de Giro. De flamboyante Italiaan volgde Angelo Zomegnan op die na de loodzware Giro van vorig jaar een stap opzij zette. Acquarone (41) wordt weliswaar bijgestaan door technisch koersdirecteur Mauro Vegni, toch is hij het die het voor het zeggen heeft als het over de Italiaanse rittenkoers gaat die gisteren in het Deense Herning voor de 95ste keer van start ging. Een job met macht dus, een persoon die het wielrennen in Italië mee bepaalt. Groot is onze verbazing dan ook als de man in kwestie niet van de partij blijkt te zijn. ‘Gaan joggen’, klinkt het vriendelijk. ‘Hij komt er aan.’

En inderdaad, bijna een half uur na de afspraak komt hij aangerend. Zijn t-shirt doorweekt, het loopshortje nog aan. Hij reikt me de hand en verontschuldigt zich uitgebreid. ‘Verloren gelopen’, zegt hij met een brede glimlach. ‘Het werd een tocht van 2u45 in plaats van een kleine 2 uur.’ Ik stel nog voor om snel een douche te nemen, maar Acquarone maalt er niet om. 'Ik doe het interview wel op deze manier, je hebt al lang genoeg moeten wachten.’

 

Acquarone is niet gepokt en gemazeld in het wielrennen. Fietsen doet hij zelfs niet. Voor een wielerbaas op zijn minst wat vreemd. ‘Ik weet het’, beseft hij, ‘maar één keer per jaar kruip ik op mijn Pinarello, tijdens de vip-parade vlak voor de Giro, voor het overige blijft het bij wat spinning om de conditie te onderhouden. Ik ken niets van wielrennen, maar zeg niet dat ik er niet om geef. Ik ben een manager, met een bedrijfsvisie op koers en één ding heb ik geleerd en hou ik altijd voor ogen: de fans zijn het belangrijkste. Mijn job is om de Giro, maar ook de andere Italiaanse koeren die het RCS organiseert (waaronder de Tirreno-Adriatico, de Strade Bianche, Milaan-Sanremo, nvdr) opnieuw het elan van weleer te geven. Ik werk al meer dan 10 jaar voor RCS en ik besef: zonder publiek is het wielrennen niets waard.’

 

Vorig jaar was er veel kritiek op de Giro: te zware ritten, te lange verplaatsingen, te gevaarlijk. Toch start de wedstrijd dit jaar in Denemarken waarna opnieuw een lange transfer volgt. Bent u niet in hetzelfde bedje ziek als uw voorganger?

‘Er is inderdaad opnieuw een buitenlandse start, maar dat houdt daarom niet meteen in dat de Giro te zwaar is. Ik ben bereid om toe te geven dat we vorig jaar fouten hebben gemaakt. Niet alleen de renners klaagden, ook de journalisten ... en terecht. De transfers waren te lang, het was te hectisch en bij momenten gevaarlijk. Kijk: we zoeken naar een juist evenwicht: de Giro is altijd de zwaarste rittenwedstrijd geweest. Dat moeten we behouden, maar de kunst bestaat er in om voortaan een koers te creëren die zowel voor sprinters, klimmers, als voor vrijbuiters aantrekkelijk is. Ik zou het fantastisch vinden als Mark Cavendish dit jaar de Giro uitrijdt en de rode puntentrui wint.’

 

Twee jaar geleden startte u in Nederland. Nu in Denemarken. Zijn er nog landen waar van droomt?

‘De keuze voor het Scandinavische land is weloverwogen. We brengen het ‘festival van de Giro’ naar een plaats die strategisch goed ligt. Bezoekers uit België, Nederland, Duitsland, Noorwegen kunnen gemakkelijk de Giro bijwonen en er van de atmosfeer proeven. En ik wil zelfs meer, in de toekomst wil ik buiten Europa treden.’

 

Hoezo?

‘Ik droom van een start in de Verenigde Staten.’

 

Is dat geen waanzin?

‘Niet helemaal (droomt luidop). Kijk: zo’n start is zeer duur en met de huidige economische crisis is het geen optie. Ik weet niet of we het ons wel kunnen permitteren, maar als het wielrennen steeds verder blijft mondialiseren, moet de Giro ook mee in die evolutie. Als we de crisis zijn ontgroeid en het wielrennen haar problemen heeft aangepakt, moet dat realiseerbaar zijn. Een start in de VS, vervolgens een paar etappes op Amerikaanse bodem en daarna vliegen de renners ’s nachts, in business class naar Italië. Dan doen we het een paar dagen rustig aan in Italië, enkele korte en vlakke etappes om de jetlag te overwinnen en daarna vliegen we er weer in. Ik denk echt dat het mogelijk is.’

 

Misschien al in 2015?

(lacht). Dat is nog wat vroeg, een beetje verder in de toekomst.’

 

Een pijnpunt van de Giro is het gebrek aan internationale toppers. Scarponi, Basso en nu weliswaar onverwacht Fränk Schleck staan aan de start, maar de meeste ronderenners kiezen voor de Tour. Hoe wil u dat verhelpen?

‘Ik erken dat de Giro nu groot is in Italië, maar niet daarbuiten. Dat moet veranderen. Elke jonge renner moet ervan dromen om ooit eens de Giro te winnen. Ik had het er al over met Cadel Evans: ‘goed, je hebt nu één Tour op zak en je kan voor een tweede eindzege gaan, maar als je nooit eens de Giro wint, dan is je palmares niet compleet. Alle grote kampioenen zoals Contador, Merckx wonnen beide koersen. Meer zelfs, ik vind dat je als renner moet dromen van winst in de drie grote rondes, dan pas maak je deel uit van de wielergeschiedenis. Ik ben ermee akkoord dat de allergrootste ronde de Tour de France is, maar ik vind niet dat de renners alleen daar op moeten focussen en als organisator vind ik dat we op gelijke hoogte moeten komen met de Tour. Dat is mijn doel. Wielrennen kan je vergelijken met tennis: er is Wimbledon, Roland Garros, de US Open en de Australian Open. De Tour zal er altijd bovenuitsteken, zoals Wimbledon dat doet in de vier Grand Slams, maar wij moeten het Roland Garros kunnen worden van het wielrennen. Een ander belangrijk sportief evenement dat iedereen in de wereld volgt en waarover gepraat wordt. Zeg me: hoe krijg ik jullie toppers aan de start in de Giro? Tom Boonen, Philippe Gilbert, het zou geweldig zijn als zij eens kiezen voor ons, dat blijft mijn doel: alle sterren naar Italië lokken.’

 

Er is niet alleen het gebrek aan toppers, ook het publiek laat het afweten in Italië. De populariteit van de sport is bedroevend.

‘Correct, in vergelijking met jullie in Vlaanderen staat de publieke opkomst nog niet echt op punt. Ik vind dat jammer, maar dat is omdat het Italiaanse wielrennen geen grote sterren meer heeft. Na Marco Pantani hebben we geen wielerheld meer gehad. Hij gaf het wielrennen internationale uitstraling. Viviani, Guardini kunnen misschien zoals Cipollini worden, maar niet tot de verbeelding spreken zoals Marco Pantani dat deed. Het zou fantastisch zijn als in deze Giro een nieuw talent opstaat, zelfs het podium haalt, een nieuwe ronderenner die voortaan meespeelt, en liefst mag dat een Italiaan zijn (lacht).’

 

Er wordt veel gezegd en geschreven over de toekomst van het wielrennen. Zoals de zogenaamde ‘Breakaway-league’, een nieuw systeem met zo’n 90 racedagen en alle grote wedstrijden. Hoe staat u daar tegenover?

Ik heb dat document gelezen en ik ben ervan overtuigd dat we in die richting gaan evolueren: minder koersdagen, meer grote wedstrijden en meer betrokkenheid van de fans. Ik geloof in verandering, maar iemand zal het ijs moeten breken, met een concreet voorstel naar boven moeten komen en toegevingen doen. Niemand is daar nu toe bereid.’

Waarom gaat het zo traag? Het wielrennen is toch gebaat bij modernisering?

‘Omdat iedere organisator zijn belangen heeft. Als ik nu toegeef dat ik de Tirreno wil schrappen of een andere koers die we organiseren, dan snijd ik in eigen vel en dat wil ik niet. Eigenlijk is het compleet belachelijk dat de Tirreno en Parijs-Nice, twee World Tour-wedstrijden, op bijna hetzelfde moment worden gereden. Ik ben bereid om me aan te passen. Ik heb vorig jaar de Ronde van Lombardije verplaatst op vraag van de UCI die de Ronde van Peking wilde organiseren in oktober. Ik wou dat liever niet, maar gaf toe, omdat het in het belang was van het wielrennen, maar ik hoop wel om eens iets terug te krijgen. Ik verwacht nu van andere organisatoren dat ze ook stappen zetten.’

 

Heeft u schrik dat de ASO (organisator achter de Tour, maar ook Parijs-Roubaix, de Dauphiné, ....) alles in handen krijgt?

‘Ik ben niet bang, want dat is nu al het geval (lacht luid). Neen, serieus: ze zijn een grote speler, de grootste zelfs. En wie groot is, kan gemakkelijker groeien.’

 

Hoe kan je met hen dan nog concurreren?

‘Ze spelen het spel op de beste manier. Ik was al vaak op hun wedstrijden en iedere keer leer ik bij. Het is moeilijk om met hen de strijd aan te gaan. Ik kan mijn Giro niet organiseren zoals zij dat met de Tour doen, maar ik kan me focussen op enkele zaken en zo geleidelijk aan de kloof dichten. Dat is mijn droom, maar laat ons eerst deze editie van de Giro afwachten. Ik verwacht me aan een groots spektakel.’

 

Corrigeer

DE DIGITALE WIELERGIDS

Klik hier

nb-logo


Het Nieuwsblad biedt meer dan 1.000 reeksen in 12 sporten aan. Zoek hierboven de uitslagen van uw favoriete club of surf naar onze uitslagenpagina.