Giro wint aan waarde en internationale belangstelling door deelname Astana

Uit de schaduw van de grote broer

Uit de schaduw van de grote broer

Foto: © Photo News

De Giro d'Italia treedt dit jaar buiten haar grenzen. Niet alleen letterlijk, met het uitstapje naar het Zwitserse Locarno, maar ook qua belangstelling. Door de deelname van Astana wordt het favorietenkransje internationaler en stijgt de sportieve waarde van de koers.

'De Giro is zwaarder dan de Tour', liet Alberto Contador zich deze week ontvallen. Een welgemikte slag onder de gordel van de heren in Parijs, die zijn ploeg Astana niet wilden uitnodigen voor de jaarlijkse wielerhoogmis.

Maar we kunnen de Spaanse wielerprins geen ongelijk geven. De laatste week van deze Giro is een loodzware marteltocht door de Dolomieten en de Italiaanse Alpen. Acht dagen lang, met één rustdag en één overgangsrit - of iets wat daar toch voor moet doorgaan - als theepauzes.

Spettacolo! Spettacolo! Zoals ze in de Laars gewoon zijn dus. Denk maar aan de onmenselijke Monte Zoncolan, waar Gilberto Simoni in 2003 en 2007 de plak zwaaide. Of aan het legendarische geitenpad op de Finestre in 2005, dat deed wegdromen naar de tijd van Coppi en Bartali. De uitzinnige tifosi, de beklijvende duels, de grimassen van de grinta,...: qua kijkstuk was de Giro zeker gelijkwaardig aan de grote broer uit Frankrijk. Maar qua sportieve waarde niet. De strijd om het roze was immers vooral een Italiaans onderonsje.

Een blik op de palmares van de jongste jaren zegt voldoende. De laatste niet-Italiaanse winnaar - Pavel Tonkov - dateert al van 1996. De laatste keer dat er geen vijf thuisrijders in de top tien van de eindstand stonden, is ook al zes jaar geleden. Het heeft vooral met motivatie te maken. Met pieken naar de maand mei. Wie geen Italiaan is, juicht nu eenmaal liever op de Champs Elysées dan voor de dom van Milaan. De internationale uitstraling, het commerciële gewicht, de mediabelangstelling,...: de Tour is in alles grootser dan de Giro. En dus ook in sportieve waarde.

Zwembroek

Behalve dit jaar misschien. Voor het eerst sinds lang is de Tour immers niet de ultieme clash der titanen. Doordat Tourorganisator ASO weigerde om het Astana van aartsvijand Johan Bruyneel uit te nodigen, blijven kleppers als Contador, Klöden en Leipheimer in juli uit de spotlights. De komende drie weken krijgen ze de kans om te bewijzen dat dat onterecht is. Giro- organisator Angelo Zomegnan plooide na maanden diplomatiek getouwtrek voor de smeekbeden uit Kazachstan. En verbrak daarmee het trouwe bondgenootschap met Parijs.

Is de Giro dit jaar dan belangrijker dan de Tour? Zeker niet. Het grootste deel van de ronderenners mikt immers nog altijd op juli: Evans, Valverde, Sastre en zelfs Damiano Cunego, de Italiaanse prins. De teams vaardigen hun allerbeste renners naar Brest af, niemand komt er om te leren. In de Tour zijn er 180 renners die per se willen presteren, in de Giro zijn er dat tachtig. Zelfs Contador, die vorige week nog in zijn zwembroek op het strand lag, geeft toe dat de conditie niet optimaal is. Hij mikt vooral op de Vuelta en Peking.

Maar de deelname van Astana zorgt wel voor meer internationale belangstelling. En daardoor treedt de Giro deze keer buiten haar traditionele oevers. De Giro is niet enkel meer voor de Italianen. Voor Klöden - al twee keer op het Tourpodium - en Leipheimer - vorig jaar derde in Parijs - is roze de kleur van 2008.

Killer, cobra of opa

Maar dan moeten ze het ook nog waarmaken natuurlijk. De planning voor Astana was verre van ideaal, omdat Bruyneel pas vorige week het licht op groen kreeg. En er zijn natuurlijk nog de supergemotiveerde Italianen, die op hun geliefkoosd terrein naar boven geschreeuwd worden door hun tifosi. De Killer, Danilo Di Luca, is gebrand op revanche na zijn dopingschorsing. De Cobra, Riccardo Riccò, wil al zijn critici bij de keel grijpen. De opa, Gilberto Simoni, is klaar voor een van zijn laatste kunstjes. En dan zijn er nog Nibali, Pelizotti, Bruseghin en andere kapers.

Zij treffen tussen Palermo en Milaan hun geliefkoosde terrein: verraderlijke hellingen in finales van de vlakke etappes, steile cols in de laatste week. Daar kunnen de grote verschillen gemaakt worden. Meer dan in de proeven tegen de klok. Want van de vier tijdritten die op het programma staan, is enkel die tussen Pesaro en Urbino geschikt voor de echte rouleurs. Verder is er nog een ploegenproloog, een spurt bergop naar het skioord Kronplatz en een survival of the fittest op de allerlaatste dag. Daar, op de 23 kilometer tussen Cesano Maderno en Milaan, wordt het een gevecht van man tegen man. De ideale apotheose van een veelbelovende strijd.

Althans, dat zou het toch moeten worden. Als het dopingspook niet van achter de hoek komt luren tenminste. Met de betwiste zeges van Basso (2006) en Di Luca (2007) heeft de Giro de laatste jaren een slechte reputatie opgebouwd. De verdachte plasjes die Riccò, Simoni, Di Luca en Mazzoleni vorig jaar bovenop de Monte Zoncolan afleverden, zijn nog altijd niet opgehelderd. En de onthulling van de 23 renners die niet in orde zijn met hun biologisch paspoort, hangt als een zwaard van Damocles boven het peloton. 'Ik hoop op een Giro zonder schandalen', zei organisator Angelo Zomegnan voorzichtig. Wij hopen met hem mee.

Corrigeer


Het Nieuwsblad biedt meer dan 3.000 reeksen in 28 sporten aan. Zoek hierboven de uitslagen van uw favoriete club of surf naar onze uitslagenpagina.