Amerikanen bevestigen dat we dankzij Paul Otlet in de jaren dertig al 'googelden'

Eindelijk erkenning voor Belg die het internet uitvond

Eindelijk erkenning voor Belg die het internet uitvond

Foto: © mundaneum

Het Mundaneum? Nooit van gehoord. Tot de krant 'New York Times' er deze week paginagroot over schreef. Dit kleine museum in Bergen (Mons) is gewijd aan de geniale maar vergeten wetenschapper Paul Otlet. Zijn hedendaagse collega's geven toe dat hij in de eerste helft van vorige eeuw de pionier was van het internet.

Hoofdarchivaris Stéphanie Manfroid ontvangt ons welgezind: na het artikel in de New York Times kreeg ze vragen binnen van overal ter wereld. 'Van de BBC, van Der Spiegel , zelfs vanuit Abu Dhabi en nu ook uit Vlaanderen.'

Paul Otlet werd geboren in 1868 als zoon van een Brussels industrieel die fortuin maakte met wereldwijd befaamde tramstellen. Zoon Otlet werd advocaat, maar stortte zich als kind al op zijn grote passie: boeken en, vooral, het beheer en verspreiden van de inhoud van boeken. 'Boeken waren toen vrijwel de enige bron van kennis', vertelt Stéphanie Manfroid. 'Otlet wou kennis democratiseren als schild tegen oorlog. In een tijd van wereldoorlogen was pacifisme een gevaarlijk scheldwoord: je stond meteen gebrandmerkt als slechte patriot.'

In 1890 ontmoette hij Henri La Fontaine. Net als Otlet een advocaat. La Fontaine was een van de eerste socialistische senatoren. Hij richtte mee de internationale vredesbond op en kreeg in 1913 de Nobelprijs voor de vrede. Na de Eerste Wereldoorlog stond hij aan de wieg van de Volkerenbond, de voorloper van de Verenigde Naties. Tussendoor, in 1895, richtte hij met Otlet, met wie hij levenslang samenwerkte, het Office International de Bibliographie op.

Dit werd hun wereldwijde netwerk voor het oppotten en verspreiden van kennis. Otlet werkte een internationaal erkende code uit, de CDU of Classification Décimale Universelle : kennis werd opgedeeld in tien velden, en steeds verder opgedeeld in tien subvelden, zodat elk brokje kennis uiteindelijk kon worden aangeduid met één enkel getal. Dat brokje kennis werd samengevat op een overeenkomstige fiche of een archieffarde. Door middel van andere kennisgetallen en symbolen verwezen fiches door naar andere fiches - naar meer kennis dus.

Doorklikken naar meer staat nu bekend als hyperlinks en hypertext in het internet. 'We staan er helemaal niet bij stil, maar zoeken in Google staat gelijk aan het starten van een numeriek zoeksysteem. Precies wat Otlet bedacht', zegt Manfroid. Amerikaanse experts bevestigen dat zijn systeem 'slimmer' was dan de huidige hyperlinks : nu word je blind doorverwezen, terwijl zijn symbolen een voorafbeelding gaven van naar waar je werd verwezen.

Met hulp van de overheid verzamelde Otlet rond zijn fichebakken een bijbehorende 'wereldbibliotheek'. In 1920 opende het Palais Mondial de deuren in het Jubelpark in Brussel: kilometers fiches in fraaie, op maat gemaakte houten kasten op wieltjes - een vondst die indertijd een gouden medaille kreeg op de Expo van Parijs in 1900 - plus een immense collectie boeken, kranten, foto's, pamfletten, postkaarten en andere dragers van info.

Op zijn hoogtepunt, in de jaren dertig, herbergde het Palais Mondial , intussen omgedoopt tot Mundaneum , 15 miljoen fiches en 100.000 volumes. Otlet bouwde een zaal vol met telegraaftoestellen, zodat je van om het even waar ter wereld kennis over om het even wat kon opvragen. Als er meer dan vijftig mogelijke antwoorden waren, werd je daarvoor gewaarschuwd. 'Inderdaad, het internet avant la lettre', zeggen de Amerikanen.

Otlet bleef nieuwe organisaties uit de grond stampen. Steevast droegen ze de woorden 'universeel' of 'internationaal' in hun naam. Hij droomde van een Cité Mondiale , een wereldstad van vrede en kennis. De wereldberoemde Le Corbusier tekende er ooit plannen voor, en er werd eventjes gedacht om deze wereldstad te bouwen op Linkeroever bij Antwerpen.

Uiteindelijk zag Otlet in dat zijn groeiende papierberg een toren van Babel werd die op instorten stond. Hij ging in gedachten een stap verder. In de brochure die het Mundaneum in Bergen zopas uitgaf voor de tiende verjaardag, staat een schets uit 1934 waarin mensen met 'elektrische telescopen' naar verafgelegen streken kijken, en met 'telefotocamera's' boeken maar ook geluid van veraf kunnen zien en beluisteren. Hij gebruikte daarvoor het woord réseau : netwerk alias web .

De eerste echte browser dateert uit '91, op basis van computers. Otlet bedacht software waarvoor nog geen hardware bestond. 'Hij was een extreem abstract denker, en hij werd met het klimmen der jaren nog utopischer en wereldvreemder.' De Belgische staat brak met hem. 'In het Mundaneum organiseerde hij tegensprekelijke debatten over hoogst onwelgevallige ideeën. Bijvoorbeeld over gewetensbezwaren.'

Otlet kreeg geen toegang meer tot zijn eigen fichebakken. Hij herbegon van nul in zijn eigen woning. De Duitsers marcheerden door Brussel in '39 en vernielden een groot deel van het Mundaneum. Otlet liet niet af: zodra de hoofdstad in '44 werd bevrijd, schreef hij, inmiddels 76 jaar oud, een ijlbrief aan de burgemeester: nu lag de weg toch open voor de bouw van de Cité Mondiale ? 'Het bewijs dat hij volslagen buiten de realiteit leefde, want iedereen had toen wel andere zorgen aan het hoofd.'

Paul Otlet stierf in december '44. De verkommerde restanten van het Mundaneum werden in '68 op de ULB gevonden door de Australische Amerikaan W. Boyd Rayward. Sindsdien leeft in de Engelssprekende wereld meer belangstelling voor het gedachtegoed van deze geniale pionier - hij wordt ook genoemd als grondlegger van de Unesco - dan bij ons. Tien jaar geleden installeerde Elio di Rupo de erfenis van Otlet en La Fontaine in het gelijknamige Mundaneum in Bergen. Het krijgt amper 15.000 bezoekers per jaar over de vloer. 'Het zijn maar oude archiefkasten, hé', glimlacht Manfroid.

Achter de tentoonstellingsruimte zitten zalen vol geredde archieven. 'Zo'n zes kilometer archiefdozen. We hopen alles ooit te digitaliseren en op het internet te plaatsen. Als we de centen vinden, nietwaar.' De ultieme triomf van Otlet: Google pompt eerstdaags 200 miljoen euro in een nieuw onderzoekscentrum, op een steenworp van het Mundaneum in Bergen.

Corrigeer

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees