Fit & Gezond

KUL-studie toont dat merendeel maandenlang kampt met angst en boosheid

70 procent slachtoffers slaapt niet na inbraak

Zeventig procent van de slachtoffers van een inbraak kampt in de eerste maand met slaapproblemen. Na een half jaar slaapt nog altijd bijna één op drie onrustig als gevolg van de inbraak. Dat is de conclusie van een studente criminologie van de KULeuven, die begin dit jaar 84 inbraakslachtoffers heeft ondervraagd.

Lore Mergaerts (21) studeert criminologische wetenschappen aan de KU Leuven. Als onderdeel van haar stage bij de politie van Sint-Truiden heeft ze alle inwoners van de stad ondervraagd die in 2010 het slachtoffer van een woninginbraak waren geworden. Dat waren er 84.

Heel erg boos

'Slachtoffers van woninginbraken gaan gebukt onder verschillende psychische gevolgen, hoewel de impact ervan toch nog vaak onderschat wordt', zegt Mergaerts. Ze peilde in haar enquête naar gevoelens van boosheid, ongeloof, verbazing, angst, onveiligheid en verdriet. Uit de antwoorden trekt ze twee grote conclusies: slachtoffers slapen slecht en zijn erg boos.

'Ruim 70 procent van de slachtoffers had last van slaapproblemen in de eerste maand na de inbraak. Een half jaar tot een jaar na de inbraak is dat nog altijd 34 procent', vertelt ze.

'In het begin zei ongeveer 43 procent dat ze heel angstig waren. Het opvallende is dat dat gevoel bleef: het verminderde in intensiteit, maar na zes maanden zeiden maar twaalf mensen dat ze geen angst meer voelden.'

Slachtoffers blijken ook erg boos te zijn na een inbraak. 'Boosheid was het gevoel dat het meest uitgesproken bleef hangen. Meer dan 50 procent van de mensen was na de inbraak heel erg boos, meer dan 25 procent was dat nog altijd na zes maanden.'

Psychologisch belastend

'Voor ruim drie vierde van de slachtoffers hadden de gestolen voorwerpen een emotionele waarde. Dat maakte de verwerking achteraf nog moeilijker', zegt Lore Mergaerts.

'Een inbraak choqueert mensen. Je associeert je huis met veiligheid en beschutting', zegt professor psychologie Ernst Koster (Universiteit Gent). Hij is gespecialiseerd in angststoornissen. 'Als je hoort over een inbraak, denk je vaak: Dat overkomt mij niet. Als dat jou dan wél overkomt, is dat psychologisch erg belastend. Het is normaal dat je daar lang mee worstelt.'

Ook het gevoel van boosheid is verklaarbaar. 'Iemand pikt je spullen, vaak is de buit zelfs niet groot, en de dader heeft geen idee wat voor een impact dat heeft. Net omdat je de dader niet kunt duidelijk maken hoezeer hij je heeft gekwetst, frustreert dat', zegt Koster.

Lore Mergaerts wil er vooral op wijzen hoe lang dit blijft nawerken. 'Mensen worden de week na de inbraak wel goed opgevangen, maar daarna moeten ze het maar zelf oplossen. Daarom één raad voor de politie: maak ruimte voor opvolging! Check na een maand of zes hoe het met de mensen is, want sommigen verwerken een inbraak heel slecht.'

Corrigeer

Het beste van Enkel voor abonnees