Nabestaanden brengen hulde aan tweeëntwintig gefusilleerde arbeiders

,,Ze stierven een gruwelijke dood''

,,Ze stierven een gruwelijke dood''

Een monument, ingemetseld in de muur van de Elektriciteitscentrale, herinnert aan die pijnlijke laatste oorlogsdagen. John Claessens wijst naar de naam van zijn vader Georges, die slachtoffer werd van een Duitse hinderlaag. Foto: © KOEN FASSEUR

MERKSEM - Voor de zestigste keer brachten nabestaanden, oud-strijders en hoogwaardigheidsbekleders eergisteren hulde aan de tweeëntwintig door de Duitsers gefusilleerde personeelsleden van de Merksemse Elektriciteitsmaatschappij De Schelde. ,,Deze ceremonie mag nooit verdwijnen. Ze houdt de gedachten aan de oorlogsgruwel levendig, ook voor de jeugd'', zegt John Claessens (77) uit Ekeren Donk, één van de nabestaanden.

De vader van John Claessens was één van de werknemers die het leven liet in die noodlottige septemberdagen van 1944. ,,Omdat er in de aanpalende elektriciteitscentrale in Merksem enkele Duitsers waren gedood, namen die op een verschrikkelijke manier wraak. Dat kon omdat de Engelsen hun verovering van Merksem nog even uitstelden en aan de Deurnse kant van het Albertkanaal bleven zitten. Een strategische flater'', schetst John.

De aanvankelijk gevluchte Duitsers kwamen terug naar de centrale, pikten er éénentwintig arbeiders uit en leidden hen naar een muur aan de zijde van de Straalstraat. Daar werden ze verplicht om één voor één door een groot gat in die muur te lopen. Aan de andere kant stonden SS'ers klaar om hen af te schieten. De mannen hadden geen schijn van kans en werden zonder ondervraging één voor één neergemaaid. Ze vielen dood op een grote hoop. Gruwelijk.''

Johns vader had zich met twee collega's kunnen verstoppen in de centrale, maar zou uiteindelijk toch het tragische tweeëntwintigste slachtoffer worden van de slachtpartij.

,,De volgende ochtend heeft hij nog gehaald, maar toen werd hij gesnapt door enkele Duitse soldaten en snel daarna neergeschoten. Zijn twee kompanen wisten uit handen van de vijand te blijven en konden zich door hun goede terreinkennis redden. Vader werd begraven op de dag dat in de Schildersstraat de eerste V-Bom viel op Antwerpen. Dat zal ik nooit vergeten.''

Knappe sportcarrière

Een monument, ingemetseld in de muur van de Elektriciteitscentrale herinnert aan die pijnlijke laatste oorlogsdagen. ,,Ik was toen 16 jaar en besefte niet goed wat er gebeurde. Nadien dringt dat drama natuurlijk tot je door. Mijn broers en ik hebben moeder zo goed mogelijk geholpen en uiteindelijk zijn we allemaal goed terechtgekomen. Ik ben een jaar na de oorlog zelf beginnen te werken in de centrale waar vader gedood werd. Van leerjongen klom ik er op tot bedrijfschef. Intussen 17 jaar geleden ging ik met pensioen, maar ik kom hier nog dikwijls om te biljarten met oud-collega's en houd dan altijd even halt bij het monument.''

De tijd heelt alle wonden en haatdragend tegenover de Duitsers is John Claessens anno 2004 niet meer. ,,Al zal ik ze nu ook weer niet omhelzen'', zegt de man die in de jaren vijftig en zestig ook een knappe sportcarrière uitbouwde in de atletiek. Enkele jaren was er even sprake van het afschaffen van deze jaarlijkse hulde. Ik heb toen samen met andere nabestaanden fel geprotesteerd. Zolang ik leef, moet hier één keer per jaar enkele minuten worden stilgestaan bij de verschrikkelijke feiten van toen'', vindt John Claessens.

Corrigeer

Doe de stemcheck van Het Nieuwsblad en ontdek met welke partij jij het best overeenkomt.

Auto's in de kijker

Vastgoed

Jobs in de regio