Marokkaanse vrienden Nabil Dirar en Mbark Boussoufa zondag even vijanden

'Dirar had gelijk dat hij niet voor Anderlecht koos'

'Dirar had gelijk dat hij niet voor Anderlecht koos'

Foto: Herman Ricour

Club Brugge en Anderlecht hebben minstens een zaak gemeenschappelijk: beide clubs rekenen op de flitsen van een rechtsvoetige Marokkaan die graag links speelt. Als je de maatjes Nabil Dirar en Mbark Boussoufa vervolgens samenbrengt krijg je een geanimeerd gesprek over moorddadige rechtsachters, duikgedrag, Marokkaans temperament en gevaarlijke vrouwen.

Op de dag dat Barack Obama verkozen wordt tot nieuwe president van de VS betreedt de kleine prins van Anderlecht, Mbark - kort voor Moubarak - Boussoufa (24) triomfantelijk het clublokaal van minivoetbalclub Savio Molenbeek, een plaats waar je niet snel een eersteklasse-voetballer zou verwachten. 'Barack!', wijzend naar zichzelf.

Diegemnaar Nabil Dirar (22), geboren in Casablanca, kijkt op van zijn muntthee en gaat zijn landgenoot meteen begroeten in het Arabisch.

Hoe en wanneer hebben jullie elkaar leren kennen?

Dirar : 'Tijdens mijn eerste jaar bij Westerlo.'

Boussoufa : 'Voor een wedstrijd zijn we eens beginnen praten en zo is dat gegroeid. En toen ik in Brussel ging wonen, kwam hij wel eens langs om wat te praten.'

Dirar : 'Of Playstation te spelen. Hij met Barcelona, ik met Manchester United.'

Vorig seizoen zei Mbark dat Dirar een speler voor Anderlecht kon zijn. Begrijp je zijn besluit om naar Club te gaan?

Boussoufa : 'Ja, ik had het graag gehad dat hij naar Anderlecht zou zijn gekomen want hij is een vriend. Maar hij had wel ergens gelijk niet voor Anderlecht te kiezen. Het is belangrijk dat hij speelt. In Anderlecht heb je op de flanken echter bijzonder veel concurrentie. Of je nu Hassan, Frutos of Boussoufa heet, twee slechte matchen en je zit op de bank.'

En in Brugge niet?

Boussoufa : 'Ja, maar daar is hij gekocht als eerste keuze voor zijn positie. Bij Anderlecht heb je op rechts alleen al Vlcek, Chatelle, Legear. Dat zijn veel spelers.'

Dirar : 'Anderlecht was een optie geweest. Brussel is mijn stad, ik ken hier praktisch iedereen. Mijn manager heeft hun voorstel bekeken. Maar nadat ik alles op een rijtje had gezet zag ik dat de concurrentie er te groot was. Twee spelers voor een positie gaat, maar geen drie of vier. Op de flanken bij Anderlecht hebben ze snelle, technisch goeie spelers. Daar had ik wel ietwat schrik van. Bij Club had je alleen Van Heerden en die was bovendien geblesseerd. Maar Club was een pak concreter en gaf me meteen het gevoel dat ze me echt wilden. Bovendien kan ik niet onmiddellijk wat Boussoufa doet. Anderlecht draait rond hem, hij kan wedstrijden beslissen.'

Toen men bij AA Gent begin dit seizoen zei dat Vargas 'Boussoufa maar dan steviger op zijn benen' was, bleek jij het daar grondig mee oneens.

Dirar : 'Ja, want Mbark heeft een magische rechter. Vargas is allesbehalve een slechte, maar mede door de aanpassing heeft hij zijn talent nog niet volledig laten zien. In zijn drie jaar hier heeft Boussoufa al bewezen dat hij nog hogerop kan. Ik heb altijd gevonden dat hij de beste speler in eerste klasse is. Toen hij nog bij AA Gent zat, was hij mijn idool: een Marokkaan met een stijl zoals in het minivoetbal.'

Wat heb jij dat Boussoufa niet heeft?

Dirar : 'Fysieke présence.'

Boussoufa : 'Ja. Hij kan makkelijker duels aangaan. Zoals hij vorig seizoen tegen ons speelde en dribbelde, dat was geweldig.'

Naar Club Brugge zou Mbark nooit gaan.

Boussoufa : 'Omdat ik bij Anderlecht speelde en bij AA Gent. Daar hadden ze maar een wens: ga overal heen maar alsjeblieft niet naar Club. Uit respect voor hen zal ik dat nooit doen.'

Speelt het ook niet mee dat net een supportersclan van Club jou ooit uitschold met 'islamieten, parasieten'?

Boussoufa : 'Dat blijft zeker hangen, maar ik denk en hoop vooral dat het verleden tijd is. Nu speelt Brugge ook met een moslim en in het Belgisch voetbal vermindert het verbaal geweld. Je zal er nooit vanaf geraken, maar ik denk dat het verbetert.'

Saint-Etienne is een van de clubs die Mbark wil. Voor jou was er afgelopen zomer veel interesse uit Frankrijk, maar jij zou er nooit heen gaan, Nabil?

Dirar : 'Het is een kampioenschap dat me niet interesseert. Als de Ligue1 op tv komt, kijk ik nauwelijks. Elke ploeg speelt er met één spits, het is defensief. Voetbal is er hard werk. In Spanje zie ik Mbark spelen, maar niet in Frankrijk waar de scores vaak 1-0 zijn.'

Wie is de beste artiest van jullie beiden?

Boussoufa : 'Nabil, denk ik. Vooral vorig seizoen. Ik speel meer voor het rendement. Die overstapjes en hakjes doe ik nog zelden. Hij heeft het in zich om een speler te willen passeren en eerst een trucje te doen, een schaar, een dribbel. Ik neig meer naar de voorzet.'

Dirar : 'Als ik aan een dribbel begin tel ik niet hoeveel spelers er voor me staan. Hij rekent meer, iets wat ik soms ook zou moeten doen. De coach zegt dat ik vaker moet voorzetten. Als ik Akpala tussen drie verdedigers zie staan, dan wacht ik. Maar de trainer begrijpt dat niet altijd. Terwijl ik liever zelf de bal verlies dan een ploegmaat in de problemen te brengen. Wie de actie maakt steekt zichzelf in de penarie. Dat is het risico als je iemand wil elimineren. Als er nooit iemand een risico neemt, valt er nooit een goal. De anderen moeten gewoon wachten in de zestien.'

Het gevolg is wel dat jullie enorm veel schoppen krijgen. Of niet?

Boussoufa : 'Toch wel. Kijk (toont zijn enkel) , die staat vol littekens. Tijdens de wedstrijd gaat het, maar de dag erna doet dat pijn, man. Bij Gent was het al zo. Soms zie je het in de blik van een rechtsachter dat je stampen gaat krijgen. (imiteert een moorddadige gek) Christ Bruno van Brussels, die was erg.'

Dirar : 'En dan begrijpen mensen niet waarom wij springen. Want dan zeggen ze: hij heeft hem niet geraakt. Beeld je nu eens in dat wij onze voet zouden laten staan. Dat men dat niet begrijpt, enerveert me soms. Er zijn spelers die ons onderuit willen trappen, dan laat je toch je voeten niet staan? Of wil je pijn lijden?'

Als je voortdurend duikelt, maak je het er niet makkelijker op voor de scheidsrechters.

Boussoufa : 'Dat ligt aan het niveau van de refs. Er zijn ook goeie scheidsrechters. Neem nu Verbist. Die trok vorig seizoen in Anderlecht-Club rood voor Geraerts. Geraerts komt in de rust naar mij: Jij bent niet normaal, jij duikt. . Kom nou, had ik mijn voet laten staan, dan werd het gevaarlijk.'

Waar plaats je schwalbes? Nabil kreeg een wel heel lichte strafschop tegen Zulte Waregem. Als je vervolgens toegeeft dat het licht is, creëer je voor jezelf een reputatie.

Boussoufa : 'Waarom hypocriet zijn? Hij zegt de waarheid, dat is toch goed.'

Dirar : 'Het maakt deel uit aan het spel.'

Boussoufa : 'Als de arbiter een fout maakt is dat niet erg. Alleen zo kan hij beter worden. Als iedereen hypocriet gaat doen, wint het spel er niets bij.'

Dirar komt allicht tegenover Wasilewski te staan. Als je het over rechtsachters met moorddadige blik hebt: hij is het prototype.

Boussoufa : 'Zelfs op training is hij zo. Hij is nu eenmaal heel agressief en wil altijd winnen. Hij weet ook dat hij wel eens een onnodige fout maakt. In zijn eerste jaar bij Anderlecht heeft Wasyl me op training eens een bloedneus bezorgd met zijn elleboog. En ik ben lang niet het enige slachtoffer. Iakovenko heeft het ook zitten gehad.'

Dirar : 'Maar als aanvaller heb ik nooit angst. Alleen in Afrika ben ik wel eens bang als er weer zo'n typische te hoge tackle komt. (strekt de arm) De bal rolt over de grond, maar het been zit zo hoog als je knie. En de scheidsrechter, die geeft balvoordeel. Probeer dat eens te begrijpen. Wasilewski is dus normale kost. Geloof me, ik ben al vaak blij teruggekeerd uit Afrika omdat ik mijn twee voeten nog had.'

Bij de vorige interland van Marokko maakte Nabil zijn debuut, maar Mbark was er niet bij. Volgens de Marokkaanse pers omdat jullie ruzie hadden.

Dirar : 'Over mijn aanvankelijke keuze voor België en dat we daardoor niet samen in dezelfde selectie konden zitten. Ik heb dat ook gehoord.'

Boussoufa : 'Nooit hebben wij daarover gepraat. Nooit. Dat is zijn keuze. Ik denk dat hij altijd wel voor Marokko wou blijven spelen, maar soms moet je ook keuzes maken in functie van de carrière.'

Dirar : 'Ze begrijpen mijn keuze. Alles is uitgepraat, ik heb gespeeld. De supporters konden er wel mee omgaan, maar het zijn de media die de boel opstoken.'

Je had Fellaini tot voor kort bij Standard. Jullie beiden. Waarom zien we niet meer Marokkanen bij de topclubs in eerste klasse?

Boussoufa : 'Er zijn veel redenen. De ouders bijvoorbeeld. Zij kennen het hele voetbalsysteem in België of Nederland minder goed. Sommige jongens hebben bijvoorbeeld geen vervoer, kunnen niet spelen omdat ze niet op de training geraken. De jongere generaties weten wel wat te doen om hun zoon of dochter op de juiste manier te steunen.'

Dirar : 'Het ligt voor een deel aan de mentaliteit. Op moeilijke momenten moeten ze ook leren doorzetten. Als Marokkanen bekritiseerd worden, accepteren ze dat vaak niet. Trainers die zagen, dat zijn moeilijke momenten voor hen. Techniek hebben ze allemaal dus je kan altijd met hen spelen. Wanneer dat niet gebeurt, gaan ze heel snel op zoek naar een andere club.'

Net zoals jij toen je bij Diegem niet bij de reserven mocht spelen. Je stopte er even mee.

Dirar : 'Dat bedoel ik.'

Boussoufa : 'Willen slagen is ook belangrijk. En dan heb je nog de slechte vrienden. Laat ons dat ook niet vergeten. Ik heb ook goeie voetballers gekend die op het slechte pad terecht kwamen. Het hangt er vanaf hoe beïnvloedbaar je bent.'

Zit racisme er voor iets tussen dat weinigen het maken?

Boussoufa : 'Dat speelt ook mee, al gebruiken sommige jongens het soms als excuus. Ik werkte ook al met racisten. Bij Ajax heb ik een racistische trainer gehad. Nadat een Marokkaanse ploegmaat rood had gekregen en we verloren zei hij: Het zijn jullie altijd die de boel verzieken. Jullie hebben ons in de steek gelaten . Waarom? Marokkaanse jongens hebben het recht om dan niet op hun kop te laten zitten want zoiets zeg je niet.'

Dirar : 'Ik heb hetzelfde meegemaakt met een zwarte die me nooit wou selecteren, ook al scoorde ik elke week.'

Boussoufa : 'Je moet doorzetten. Ik heb het gevoel dat het flink aan het verbeteren is. Je hebt Nabil, mezelf, Marouane Fellaini. Als hij was gebleven, was hij misschien al de tweede Marokkaan geweest die de Gouden Schoen zou gewonnen hebben. Ik was de eerste arabier: dat toont dat het nog kan en in België is dat toch iets groots.'

Wie is de grote favoriet voor de titel?

Dirar : 'Moeilijk te zeggen. De grote drie hebben al allemaal matchen verloren.'

Boussoufa : 'Ik zag dat Broos zei dat Anderlecht favoriet is voor de titel, twee weken voordien waren we op sterven na dood. De eerstkomende weken ga je zien wie herfstkampioen wordt. Maar voor het overige is het nog te vroeg.'

Jennen jullie mekaar nu vlak voor die clash?

Dirar : 'Nadien misschien, als we winnen. We gaan wel even praten voor de match, maar voor de rest zijn we blind voor mekaar.'

Boussoufa : 'Vorig jaar heeft hij tegen ons een paar mooie acties gedaan. Ik heb gepoogd hem te tackelen maar...'

Dirar : 'Het is hem niet gelukt.'

Boussoufa : 'Maar een poortje zal ik niet doen. Ik respecteer Nabil.'

Dirar : 'Sorry, maar ik heb genoeg op straat gespeeld om te weten wanneer iemand het zou proberen. Dat lukt toch niet.'

Afspraak zondag.

Corrigeer

Het Nieuwsblad biedt meer dan 1.000 reeksen in 12 sporten aan. Zoek hierboven de uitslagen van uw favoriete club of surf naar onze uitslagenpagina.