Anderlecht-middenvelder praat voor het eerst sinds de dood van zijn vader

Het verdriet van Biglia

Het verdriet van Biglia

Foto: © Photo News

Voor het eerst sinds zijn vader in juli onverwacht overleed, praat Lucas Biglia (22) over de gebeurtenissen die zijn leven overhoop haalden. 'Nooit zat ik zo diep als in de laatste drie maanden. Ik probeer uit de put te klimmen, maar de pijn gaat nooit meer weg.'

De zomer van 2008 werd een persoonlijk drama voor Lucas Biglia. In juli verliet hij het oefenkamp van Anderlecht om naar zijn zieke vader in Argentinië te reizen. Maar bij aankomst bleek dat die intussen al overleden was. Zijn familie besloot hem niets te zeggen om hem te sparen tijdens de 22 uur durende vliegreis.

Na het familiale drama volgde de sportieve klap. Hoewel hij deel uitmaakte van de Argentijnse olympische preselectie, viel hij uiteindelijk nipt uit de boot voor de Spelen van Peking. Spelen waar zijn land uiteindelijk goud zou halen. Door de niet-deelname aan de Spelen ging ook zijn droomtransfer naar het buitenland in rook op. En op de koop toe werd Anderlecht uitgeschakeld in de kwalificatieronde voor de Champions League, waardoor de kans nog kleiner is geworden dat een buitenlandse topclub de kleine balvaste middenvelder in België zal komen weghalen.

'Het leven heeft me niet gespaard de voorbije maanden', zegt Lucas Biglia. 'Maar het enige wat ik kan doen, is opstaan en weer doorgaan. Zo zou ook mijn vader het hebben gewild.'

Eerste gemis: de vader

'Ik heb zoveel aan hem te danken. Hij was niet alleen een vader, hij was ook mijn vriend, mijn gids en mijn toeverlaat. Als ik hier op Anderlecht moeilijke momenten beleefde, was hij diegene die me geruststelde. Hij was de eerste die in mijn voetbalcarrière geloofde en heeft me alles in het voetbal en het leven geleerd. Sommige mensen rekenen ook op hun vrienden, maar ik luisterde altijd naar mijn pa. Hij gaf me raad en heeft ook veel opgeofferd voor mij. Hij heeft bepaalde dingen gelaten opdat ik zou kunnen trainen en spelen. Als ik me nu klaarmaak om te gaan trainen, moet ik daar vaak aan denken. En dan steekt de pijn opnieuw op.'

'Ik heb het er moeilijk mee dat ik niet bij hem was toen hij stierf. Hij had me aan zijn zijde gewild en dat ik er niet was doet enorm veel pijn. Het allerzwaarste moment was op de luchthaven in Buenos Aires. Voor het vertrek had mijn broer me alleen maar gezegd dat mijn vader in het ziekenhuis was opgenomen. Ik voelde wel aan dat er meer aan de hand was, want toen ik hem om meer details vroeg, zweeg hij. Pas toen ik landde in Buenos Aires vertelde hij me het hele verhaal. Dat hij ondertussen overleden was. Ze wilden me het nieuws besparen omdat ik een lange vliegtuigreis voor de boeg had. Toen ik hoorde dat hij dood was kon ik niet meer op mijn benen staan. Ik ben dertig minuten moeten gaan zitten om het te laten doordringen. Dat was de zwaarste beproeving in mijn leven.'

'Mijn pa is onvervangbaar, maar ik moet zonder hem verder. In mijn hart weet ik ook dat hij trots is op mij. Zijn grootste wens was dat ik profvoetbal zou spelen. Zelf was hij ook bezeten van voetbal. Als ik nu voetbal, dan doe ik dat voor hem.'

'Na de dood van mijn vader zat ik mentaal in de put. Het vertrouwen was weg en ook fysiek had dat een weerslag. Het was moeilijk om mijn familie achter te laten in Argentinië en mijn hoofd weer bij het voetbal te krijgen. Heel stilletjes aan begint dat nu toch te lukken. Maar vaak is het toch nog moeilijk. Als ik bijvoorbeeld mijn jongste broer aan de telefoon hoor huilen.'

Tweede gemis: de Spelen

'Ik behoorde tot de voorselectie, maar niet tot de definitieve selectie. Natuurlijk was dat een klap. Wie droomt er niet van de Spelen? De niet-selectie was een klap, maar uiteindelijk makkelijker om mee te leven. Als ik zag wie er in mijn plaats ging, dan waren dat allemaal klassespelers die bij grote ploegen in Europa in de basis staan. Het is normaal dat zij de voorkeur kregen. En dat Nicolas Pareja er wel bij hoorde? Ik was niet echt jaloers. Ik was blij dat hij de gouden medaille heeft kunnen winnen en hij gaf me een dubbele reden om te supporteren. Ik supporterde voor hem en voor mijn land.'

Derde gemis: de transfer

'Ik weet dat Nico Pareja zijn transfer naar Espanyol aan de Spelen heeft te danken, maar ook daar ben ik niet jaloers op. Op mijn positie is er meer concurrentie en ook daarom is het moeilijker een ploeg in het buitenland te vinden. Kijk, de situatie is zoals ze is en daar kan ik niets aan veranderen. Ik kan nu wel in een hoekje kruipen en treuren, maar zo zal ik nooit bij een andere club terechtkomen.'

Vierde gemis: Europees voetbal

'Na de Europese uitschakeling tegen BATE wilde ik meteen naar huis in Argentinië. Het was een zware ontgoocheling, want de Champions League blijft de grootste vitrine voor een voetballer en we hadden een unieke kans om door te gaan. Ook Levski Sofia was een haalbare kaart geweest. Maar nu kijk ik er met een ander perspectief tegen aan. Voetballen in België kan ook mooi zijn. Anderlecht is niet om het even welke club. Het is de grootste club van België en je speelt altijd voor de prijzen. Kampioen, dat is het enige woord dat je hier hoort als je toekomt. En dat is goed, want niets zo stimulerend voor een voetballer als met een doel spelen. Voor mij is dat doel kampioen worden om volgend jaar wel in de Champions League te spelen.'

Vijfde gemis: Nicolas Frutos

'Ik denk niet dat Nicolas Frutos me op het veld veel beter doet spelen. Tenminste, dat hij niet de enige is. Ook Jan Polak, die nu voor het eerst meetrainde, doet me beter voetballen. Ik denk vaak terug aan de driehoek die we vorig seizoen op het middenveld vormden: Polak, Gillet en ik. Er waren tussen ons automatismen gegroeid die werkten.'

'Maar Nico is wel belangrijk voor me geweest naast het terrein. Toen hij terugkwam uit Argentinië vertelde hij me dingen die me hebben doen inzien dat het in België zo slecht nog niet is. In Argentinië moeten veel voetballers een extra job nemen om rond te komen. Er zijn spelers die geen club meer hebben en zowel hun conditie moeten onderhouden als gaan werken. Ze moeten dan aan de slag als metser. Hier in België hebben we het dan toch wel goed.'

Corrigeer