Eén vraag blijft de in brand gestoken taxichauffeur kwellen

'Waarom toch ik? Dát wil ik weten'

TIELT - 'Waarom ik?' Bijna twee maanden nadat de Tieltse taxichauffeur Pascal Preem (39) werd overvallen en in brand gestoken, blijft die ene vraag hem martelen. De onzekerheid komt bovenop de helse pijn die hem nog altijd aan zijn ziekenhuisbed kluistert.

Op 10 maart gooide een ongemeen brutale overval het leven van Pascal Preem en zijn vriendin Wendy Maertens compleet overhoop. Om 3 uur 's nachts stond de Tieltenaar op het punt om met het minibusje van zijn werkgever Tielt Airport Shuttle twee paren op te halen en naar de luchthaven van Zaventem te brengen. Vlak voor zijn appartement in het centrum van Tielt werd hij echter overvallen en overgoten met een brandbaar product. Met levensgevaarlijke brandwonden werd Preem naar het Universitair Ziekenhuis in Gent overgebracht.

Bijna twee maanden later verblijft Preem nog altijd in het UZ. Nadat hij wekenlang tussen leven en dood had gezweefd en lange tijd in een kunstmatige coma was gehouden, mocht hij het brandwondencentrum verlaten. Hij werd overgebracht naar de afdeling plastische heelkunde.

'Van wat er zich die nacht afspeelde, weet ik niets meer, op enkele flarden na', vertelt Pascal Preem. 'Ik kan me alleen herinneren dat ik opeens werd overvallen door drie kerels die zich in een BMW met Franse nummerplaten verplaatsten. Voor de rest is het één groot zwart gat. Nadat ze mijn kleren met een product hadden overgoten - was het benzine of een andere brandbare vloeistof? - en in brand hadden gestoken, had ik nog de reflex om in de vijver van het stadspark achter het bezoekerscentrum Mulle de ter Schueren te springen. Gelukkig wist ik dat daar water was. Dat heeft mijn leven gered.'

Toch liep Preem zware derdegraadsbrandwonden op. Vooral aan de rug, de buik en de linkerarm en -hand. Ook zijn linkeroor draagt nog de sporen van de brutale overval. 'Normaal had ik al thuis moeten zijn, maar elke keer duiken nieuwe verwikkelingen op. De dokters kunnen nog geen uitsluitsel geven, maar wellicht zal ik blijvende letsels overhouden aan de overval. Vooral de wonden aan mijn hand baren me zorgen. Misschien blijf ik deels invalide.'

Preem zegt geen zinnige verklaring te kunnen vinden voor de overval. 'Dag en nacht blijft die ene vraag door mijn hoofd spoken: waarom ik? Ik weet zelfs niet of ze mijn portefeuille hebben gestolen. Ze kan ook in het water van de vijver liggen. In elk geval weet ik zeker dat ik die nooit zomaar zou hebben afgegeven. Ik heb destijds een zware militaire opleiding gevolgd als duiker-ontmijner en toen werd het er echt ingeramd om nooit je portefeuille en identiteitspapieren af te geven.'

Bovenop de zware fysieke pijn lijdt Pascal Preem onder de verhalen die intussen de kop opstaken. Die linken de overval aan het prostitutiemilieu. Dat Pascal en zijn vriendin een escortebureau zouden hebben uitgebaat, doet hij als 'schandalige roddels' af. 'Dat houdt compleet geen steek. Dit moet ophouden. Mocht daar ook maar iets van waar zijn, dan zouden Wendy en ik niet dag en nacht moeten werken.'

'Door die verhalen zijn we vrienden verloren. Er zijn helaas altijd mensen die de roddels geloven, hoe hard je ook schreeuwt dat er niets van klopt. Er werd ook verteld en geschreven dat ik twee villa's zou bezitten en dat ik vader was van twee zoons en een dochter. Villa's heb ik niet, een dochter evenmin. Naast het kindje van vijf maanden van Wendy en mij, heb ik wel nog een zoon uit een vorige relatie.'

'Conclusie van het hele verhaal: mijn vertrouwen in alles en nog wat is bijzonder zwaar ondermijnd.'

Corrigeer

IN HET NIEUWS

Verkiezingen in jouw gemeente:

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees