Geen Nederlands, geen woning

Antwerpse sociale huisvesting maakt akkoord

BRUSSEL - De drie grote Antwerpse sociale woningmaatschappijen - ook Vlaanderens grootste - hebben een akkoord dat kandidaat-huurders zal verplichten Nederlands te kennen. Een van hen, De Goede Woning past de maatregel al toe. Wie geen Nederlands kent, komt wel op de wachtlijst, maar krijgt een speciale code die geen toegang geeft tot een appartement.




DE voorzitter van De Goede Woning, oud-OCMW-voorzitter Fons Kockx (CD&V), geeft toe dat hij met het systeem op de grens van het wettelijke zit, maar noemt de toewijzingspolitiek een manier om de samenlevingsproblematiek in de woonblokken onder controle te houden. In de raad van bestuur van De Goede Woning zetelen ook burgemeester Patrick Janssens, en regeringscommissaris Johan Van den Berghe, gewezen kabinetschef van minister Leo Peeters. Ook zij stemmen met de werkwijze in.

Wie zich inschrijft, wordt niet aan examen onderworpen, maar wel gescreend door de maatschappelijk assistent. Een code voor onvoldoende Nederlands leidt in de praktijk tot uitsluiting voor de woonblokken, volgens Kockx echter niet voor alle. Uit de cijfers blijkt intussen wel duidelijk de politiek van De Goede Woning. Waar de twee andere grote maatschappijen Huisvesting en Onze Woning in 2003 respectievelijk 49,7% en 56,7% vreemdelingen inschreven, was het voor De Goede Woning slechts 17,5%.

De Goede Woning is er inmiddels wel in geslaagd de twee grote zustermaatschappijen te overtuigen van haar tactiek. De directies van de drie maatschappijen hebben gezamenlijk een nieuw huishoudelijk reglement goedgekeurd, dat de kennis van het Nederlands als voorwaarde vooropstelt bij verhuring. Volgens Kockx volstaat wel dat een van de twee partners de Nederlandse taal beheerst bij inschrijving. Het gaat bovendien niet om een taalproef, wel om het zich kunnen uitdrukken in alledaags Nederlands. In het reglement voorzien de woningmaatschappijen een beroepsmogelijkheid bij betwisting over de Nederlandse taal. Als beroepsinstantie willen ze beroep doen op PINA, de organisatie die in Antwerpen de cursussen Nederlands op het getouw zet.

De teksten moeten nog wel langs de raden van bestuur passeren, maar Kockx heeft er goede hoop in. Onze Woning wordt voorgezeten door OCMW-voorzitter Monica De Coninck (SP.A), bij Huisvesting hanteert Dirk Luyten, gewezen Agalev'er, de voorzittershamer.

De Antwerpse drie willen nadien met het huishoudelijk reglement naar Vlaams minister voor Huisvesting Keulen, en het als een blauwdruk presenteren voor het toekomstige Vlaamse toewijzingsbeleid. Bladzijde 11:

Corrigeer

NIEUWS