,,'t Zal nodig zijn''

Guido Fonteyn over opkomst, verval en heropleving van Wallonië

Guido Fonteyn over opkomst, verval en heropleving van Wallonië

Afscheid van Magritte van Guido Fonteyn schetst een portret van het voorbije en het nieuwe Wallonië. Maar het boek is ook de geschiedenis van duizenden Vlamingen die halfweg de 19de eeuw op zoek gingen naar een bete broods en een beter leven in de steenko Foto: © BELGA

Guido Fonteyns nieuwe boek Afscheid van Magritte werd niet toevallig in La Louvière voorgesteld. Uw krant ging lezend en luisterend in Het Volkshuis zitten.

Van de nieuwe politieke cultuur hebben ze in La Louvière geen kaas gegeten. In het ,,Maison du Peuple'' is de lokale PS-coryfee Danièle Staquet prominent aanwezig. Onder haar beeltenis staat te lezen dat iedereen die thuis zuchtend en vloekend over zijn belastingbrief gebogen zit, van harte welkom is op haar zitdag. De PS heeft de oude wijken niet verlaten. Dienstbetoon is de regel gebleven. De Parti Socialiste is er voor u, voor uw pensioen, uw baan, uw uitkering en uw sociale huisvesting.

,,Hier halen we makkelijk zestig procent'', zegt burgemeester Willy Taminiaux, ook rood. Het Front National stak in La Louvière heel even de kop op maar Taminiaux sloeg uiterst rechts terug naar af.

Met een beetje weemoed in zijn stem: ,,De mensen zijn alleen nog met zichzelf bezig, hé. Op een buurtvergadering zijn ze maar in een ding geïnteresseerd, namelijk die ene stoeptegel voor hun eigen deur. De mensen dragen een helm, een harnas. Bijna elke avond ga ik in mijn stad ergens spreken. De mensen zijn doof geworden voor solidariteit, ze willen samen hun schouders niet meer onder de gemeenschap zetten. 't Zal nochtans nodig zijn. In goed dertig jaar tijd zijn hier tienduizenden banen verloren gegaan. Het blijft moeilijk uitleggen dat de gouden tijden van kolen en staal voorbij zijn. Dat we andere types van bedrijven naar hier moeten proberen te krijgen. Maar dat vergt ook scholing, omscholing, zich aanpassen aan een nieuwe realiteit. Veel van onze mensen hebben het daar nog altijd niet gemakkelijk mee.''

Dommekrachten en boerenpummels

Over dit en tal van andere kantelmomenten in de geschiedenis van Wallonië, onze minst gekende buur, heeft Guido Fonteyn een heel mooi boek geschreven, Afscheid van Magritte.

Fonteyn was jarenlang een vaste waarde op de redactie van onze zusterkrant De Standaard. Hij kent Wallonië als zijn broekzak. Geen streekdialect is hem vreemd. Hij kent de weg in de buitenwijken van Luik, Bergen, Namen en Charleroi. Niet alleen de cenakels van de macht, de industrie, de baronnen interesseren hem. Fonteyn kan uit een gesprek in een café een brok orale, diep doorleefde geschiedenis, kapotte dromen en knagende frustratie distilleren. Uit vergeelde en vergeten boeken en brochures heeft de auteur die zinnetjes gelicht die het verhaal van de opmars en neergang van Wallonië beeldend vertellen.

Afscheid van Magritte is ook de geschiedenis van duizenden Vlamingen die halfweg de 19de eeuw op zoek gingen naar een bete broods en een beter leven in de steenkoolmijnen. Les flaminds waren niet overal even graag gezien. In volkse kluchten werden ze opgevoerd als dommekrachten, onhandige boerenpummels en ongewenste gasten. Op het racistisch-superieure af. In het Journal de Charleroi verschijnt op 5 maart 1911 volgend bericht: ,,Men moet de oorzaak van de stijging van de criminaliteit in onze gemeente niet ver zoeken: de meeste misdrijven worden gepleegd door individuen die een Vlaamse naam dragen.''

Precieze aantallen over de migratie van Vlaanderen naar Wallonië zijn niet bekend. Maar vast staat dat in sommige dorpen, steden en wijken eenvijfde van de bewoners uit Vlaanderen afkomstig was. De pastoors in het arme Vlaanderen maakten zich grote zorgen over de geestelijke gezondheid van hun uitgeweken schapen. Vanuit Vlaanderen werden verschillende pogingen ondernomen om via stichtende kranten en weekbladen de emigranten over het thuisfront te blijven informeren. En vooral om ze uit de klauwen van het communisme, het anarchisme en het socialisme te houden. Bovendien waren de zeden in de rauwe arbeidersbuurten eerder los. In het door Fonteyn aan de vergetelheid ontrukte boekje Une Mouette Flamande en Wallonie (Een Vlaamse meeuw in Wallonië, nvdr) wordt het verhaal verteld van een Vlaamse migrant die tot zijn grote verbazing ontdekte dat een keer per week de hospita beslapen in de prijs van het logement inbegrepen bleek.

De clichés voorbij

Veel Vlamingen kunnen het zich wellicht niet meer voorstellen maar anno 1848 telde men in Oost-en West-Vlaanderen 450.000 bedelaars, eenderde van de bevolking. De mensen stierven bij bosjes. Wie sterk genoeg was, liep tot diep in Wallonië. De wrevel tussen allochtoon en autochtoon was bij momenten groot, weet Fonteyn. ,,En een deel van die clichés houden tot vandaag stand en belemmeren de dialoog.''

Met zijn boek wil Fonteyn de clichés voorbij. Hij ziet de eerste, nog wat aarzelende tekenen van een heropleving in het zuiden van het land. Toen de hoogdagen van kolen, ijzer en staal voorbij waren, heeft Wallonië vele verloren jaren lang zitten kniezen, in de hoek geslagen, de trots gekrenkt en gebroken.

Met instemming citeert Fonteyn vakbondsman Camarata: ,,Men had de ideale zondebok gevonden in de persoon van Vlaanderen, verwekker van alle kwaad dat Wallonië was overkomen.''

Maar het tij keert, meent Fonteyn. ,,Er is de spectaculaire groei van de regionale luchthavens, de toename van de binnenscheepvaart, de groei van de biochemische industrie, het succes van de industrieparken.''

Brussels minister Chabert, ook te gast bij de boekvoorstelling: ,,Wallonië heeft nog ruimte voor onderneming en toerisme. Het duurt nog wel even maar het zuiden komt er weer helemaal bovenop.''

Bij het verlaten van La Louvière lees ik boven de pui van een wat groezelig café: ,,Aux Anciens du Vieux-Hocquet''. Fonteyn: ,,In dit cafeetje heb ik de laatste Vlaamse migranten nog zien zitten, met zijn vieren rond houten tafeltjes, de jongsten minstens tachtig en onder elkaar een West-Vlaams hanterend zoals dat generaties geleden in hun streek van oorsprong werd gesproken. De kinderen en kleinkinderen van deze Van Steelands en Van Dammes zijn helemaal in de Waalse maatschappij geïntegreerd, na een langdurig en moeizaam verlopen proces.''

Wie Wallonië, de geschiedenis van Vlaanderen en bij uitbreiding België beter wil leren begrijpen, kan niet om dit rijke boek heen.

Afscheid van Magritte. Over het oude en nieuwe Wallonië door Guido Fonteyn is uitgegeven bij Meulenhoff/Manteau.

Corrigeer

MEER NIEUWS