Het droeve lot van de eenmanspartij

De kiesdrempel is genadeloos voor kleine partijen. In de recente geschiedenis is geen enkele eenmanspartij erin geslaagd een zitje in het parlement te verzilveren.

De enige uitzondering was Jean Pierre Van Rossem . Hij verwierf op 24 november 1991 liefst drie kamerzetels met zijn links-libertaire partij ROSSEM.

Paul Marchal verging het in 1999 minder goed. Zijn Partij voor Nieuwe Politiek in België (PNPb) kon bij de oprichting in 1998 volgens opiniepeilingen op 13 procent van de stemmen rekenen. Bij de federale verkiezingen één jaar later kon hij slechts 0,3 procent van de stemmen op zijn naam schrijven. De PNPb stierf een stille dood.

Bij de federale verkiezingen van 2003 waren er twee VLD-dissidenten die het ondanks de kiesdrempel op hun eentje waagden. Zowel Leo Goovaerts als Ward Beysen konden zich niet vinden in de lichtblauwe koers van de VLD en probeerden de rechterflank te overtuigen.

De ex-VLD-penningmeester Leo Goovaerts trok met zijn senaatslijst Veilig Blauw naar de kiezer. Hij was ervan overtuigd de vijf procent kiesdrempel te halen, maar moest zich tevreden stellen met slechts enkele tienden van een procent.

Ook Ward Beysen koesterde de hoop om de VLD-moederpartij schade toe te brengen met zijn Liberaal Appèl. Hij kon echter niet doorbreken en behaalde in zijn provincie Antwerpen slechts 1,21 procent van de stemmen. In 2004 kon hij niet genoeg steun verzamelen voor de Vlaamse verkiezingen. Op 14 januari 2005 ontnam hij zich het leven. (cra)

Corrigeer

IN HET NIEUWS

Verkiezingen in jouw gemeente:

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees