Willen we echt testen of het nog erger kan?

Heel even leek het erop dat de berekende gok van formateur Elio Di Rupo (PS) goed zou uitdraaien. Hij nam net genoeg risico om te verrassen, hij bood meer dan genoeg discussiestof om onderhandelingen te starten. Het moest goed genoeg zijn om de regeringscrisis te deblokkeren en iedereen weer rond één tafel te krijgen. Met het genadeloze njet van N-VA is ook dat waterkansje weer verspeeld. Na vijf afgeschoten nota's en non-papers, 390 dagen non-onderhandelingen en talloze verspeelde kansen, weet niemand hoe het verder moet. Maar we kunnen op zijn minst proberen niet telkens dezelfde fouten opnieuw te maken. Het is nu eenmaal een definitie van domheid om telkens hetzelfde te herhalen en toch op een andere uitkomst te hopen. Vijf lessen.

1 Er komt geen regering met N-VA en PS

Het is stilaan veilig om te zeggen dat er geen regering zal komen waarin Elio Di Rupo en Bart De Wever broederlijk naast elkaar zitten. Alles is intussen geprobeerd.

De manier waarop De Wever gisteren de nota van Di Rupo afserveerde, doet trouwens vermoeden dat ze zelf ook tot die conclusie gekomen zijn. De Wever verpakte de kritiek niet bepaald, liet geen openingen, geen balsem voor de ziel. Hij gaf Di Rupo, met alle respect natuurlijk, de middenvinger.

Je zou er wraak achter kunnen vermoeden, voor de manier waarop Di Rupo in november vorig jaar De Wevers eigen nota afknalde. Maar we gaan ervan uit dat beiden ernstige heren zijn die beseffen dat het niet het moment is voor dergelijke kinderachtigheden. Het verschil moet echt te groot zijn, het minimum van de een ligt mijlenver van het maximum van de ander en er is onvoldoende bereidheid om die afstand te overbruggen. Laten we dus alstublieft iets anders proberen.

2 Verkiezingen worden moeilijk te vermijden

Natuurlijk zijn er nog opties, er kunnen altijd nieuwe mensen uitgestuurd worden om nieuwe nota's te schrijven die met nieuwe communiqués worden neergesabeld. Maar na dertien maanden moet iedereen zich toch stilaan afvragen wat daar allemaal het nut van is, tenzij het de bedoeling is om de regering van lopende zaken een alibi te geven om tot 2014 door te doen.

Er zijn veel argumenten tegen nieuwe verkiezingen. Ze lossen om te beginnen niets op, toch niet als de kaarten blijven liggen zoals nu. En ze dreigen België veel onwelgekomen aandacht van speculanten en andere aasgieren op te leveren. Maar als niet iemand dringend iets beters verzint, stevenen we recht af op verkiezingen in september of oktober. Al was het maar om te testen hoeveel erger het nog kan worden.

3 CD&V houdt, dik tegen haar zin, de sleutels in handen

CD&V wil geen verkiezingen. En CD&V wil geen regering zonder N-VA. De vraag is wat CD&V doet als blijkt dat ze tussen die twee moet kiezen. Uit les 1 en 2 volgt dat die keuze wel eens heel snel gemaakt moet worden. Het maakt van Wouter Beke zowat de minst te benijden voorzitter in de Wetstraat. Als hij N-VA blijft volgen, heeft hij het imago van een schoothondje en lijkt hij zijn eigen kiezers eigenhandig naar de veel flinkere N-VA te sturen. Als hij afstand neemt, dan lijkt hij een kamikazepiloot. Een kamikaze met een slecht geheugen bovendien, die vergeten is dat de kiezer zijn partij nauwelijks een jaar geleden door de gehaktmolen haalde. Winnen is nagenoeg onmogelijk, de schade beperken lijkt het hoogst haalbare. Het kan misschien verklaren waarom de partij gisteren een vreemd rondje verstoppertje speelde, maar dergelijke capriolen kan ze eigenlijk missen als kiespijn.

4 We leven in een gevaarlijke bubbel

Met de nota Di Rupo hebben we allemaal voor het eerst sinds de verkiezingen een glimp opgevangen van hoe een besparingsprogramma van 22 miljard euro er in de realiteit uitziet. De inwoners in de meeste buurlanden hebben dat intussen aan den lijve ondervonden, wij zijn nog maar net met de theoretische oefening begonnen. Als velen De Wever gelijk geven dat hij de nota afschoot, dan zal dat in veel gevallen vooral te maken hebben met de economische maatregelen die zo vermeden worden.

Er is echter één probleempje met die redenering. De besparingsplannen gaan mogelijk weer voor een paar maanden in de koelkast, maar dat betekent niet dat ze vanzelf weggaan. Ooit zullen we er opnieuw aan moeten beginnen. Er zullen misschien minder belastingen in zitten en meer besparingen. Maar pijn zal het doen.

In heel Europa betaalt de middenklasse een groot deel van de inspanningen. Voor de armsten geldt dat je een kei niet kan stropen en voor de rijksten geldt dat ze zich niet laten stropen. Ooit zullen we de oefening dus opnieuw moeten doen. We moeten alleen hopen dat het dan nog altijd over ‘maar' 22 miljard euro gaat. We doen nu al een jaar lang alsof België zich in een bubbel bevindt, los van de rest van de wereld. Ooit prikt iemand die door.

5 We zijn nog niet lang aan het onderhandelen

We zouden het bijna vergeten, maar nota's schrijven is bij echte onderhandelingen slechts een opstapje naar het echte werk. Een akkoord vind je niet door elkaar met riemen papier om de oren te slaan, maar door rond één tafel te gaan zitten. Van de voorbije dertien maanden zijn er twee –juli en augustus 2010– besteed aan onderhandelingen. De rest is opgegaan aan het schrijven van nota's, die vervolgens vakkundig afgeserveerd werden. Dat is eigenlijk schandalig. We zijn het normaal gaan vinden dat partijen zeggen dat ze een akkoord willen en tegelijk weigeren om aan tafel te komen zitten. Dit is het langste rondje schaduwboksen ooit. En intussen weten we dat het nergens op uitdraait. Laten we dus alstublieft iets anders proberen.

Corrigeer