Aalsters carnaval en Heilige Bloedprocessie op wereldlijst Unesco

Ook feesten en tradities zijn monumenten

Het Carnaval van Aalst en de Heilige Bloedprocessie van Brugge komen op de eerste wereldlijst van Unesco, die ook feesten en tradities als erfgoed wil erkennen. Deze nieuwe lijst vult de al langer bestaande werelderfgoedlijst met monumenten en landschappen aan. Geert Sels

Tot vandaag mogen de Unesco-landen dossiers voordragen voor de eerste lijst van 'immaterieel cultureel erfgoed van de mensheid'. Daarmee bedoelt Unesco tradities, feesten, dansen, muziek, verhalen, rituelen en oude ambachten. Zelfs geneeswijzen zitten erbij.

In Vlaanderen hebben deze zomer elf steden en gemeenten hun kandidatuur voorbereid voor een eerste Vlaamse inventaris van immaterieel erfgoed. Dat is namelijk een voorwaarde om ook op de internationale lijst van de Unesco te kunnen belanden. Vlaanderen droeg er daarvan twee voor die morgen op de wereldlijst komen: het Aalsterse Carnaval en de Heilige Bloedprocessie in Brugge. Zeker, behalve in geval van zware procedurefouten.

Aalst en Brugge komen oude bekenden tegen op de wereldlijst. Een oudere Unesco-lijst met 'meesterwerken' komt immers ook op de nieuwe lijst van immaterieel erfgoed. Voor België staan daarop al het carnaval van Binche en de reuzen in ommegangstoeten (in Brussel, Dendermonde, Mechelen, Ath en Bergen).

Het is voorlopig nog even afwachten welke voorstellen andere landen zullen indienen. Bekend is al dat Luxemburg de 'processie van Echternach' voordraagt. De Verenigde Arabische Emiraten hebben een dossier over 'jagen met valken'. De Franse president Nicolas Sarkozy wil de 'Franse gastronomie' op de lijst krijgen.

Het belang om op de wereldlijst te komen, is veeleer symbolisch. Een vermelding trekt wereldwijd de aandacht en de toeristische bureaus aarzelen doorgaans niet om daar munt uit te slaan.

De nieuwe lijst werd dit voorjaar door een Unesco-conventie over immaterieel en oraal erfgoed in het leven geroepen, vooral op vraag van derdewereldlanden en Aziatische landen. Zij vonden dat het beeld van erfgoed al te eenzijdig vanuit een westers perspectief is gegroeid. Het westen hecht veel meer waarde aan gebouwen en minder aan tradities, rituelen, verhalen die voor de oosterse en Afrikaanse landen belangrijk zijn. Maar hoezeer ook bedoeld om de minder welvarende landen mee in het verhaal te betrekken, zijn het toch opnieuw de westerse landen die als dollemannen op de nieuwe lijst zijn gesprongen.







Corrigeer

MEER NIEUWS