Vlaamse jongeren vallen stil

'Elke dag 1 uur sport op school'

'Elke dag 1 uur sport op school'

Een turnles bij Don Bosco in Gent: de handenstand, of wat daar moet voor doorgaan. Marc Herremans
Foto: © Marc Herremans - Corelio

GENT - De helft van de Vlaamse 15-jarigen doet geen drie uur per week aan sport, terwijl het eigenlijk een uur per dag moet zijn. 'De scholen zouden elke dag een uur Lichamelijke Opvoeding moeten geven, want Vlaanderen dreigt de Verenigde Staten achterna te gaan', zegt professor Greet Cardon.

Het Don Bosco-instituut in Gent, gistermiddag. De leerlingen van 4 TGM werken hun lesblok lichamelijke opvoeding af. Zuchtend en puffend proberen ze een koprol te maken of hun stramme benen te stretchen. Goeie wil is er genoeg, maar toch valt het op hoeveel leerlingen er niet in slagen de oefeningen echt correct uit te voeren.

'En dit is niet eens zo'n slechte klas', zegt leraar Lichamelijke Opvoeding Eddy Donné. 'Maar er is enorm veel veranderd in de 27 jaar dat ik LO geef', vult zijn collega Paul Schroé aan. 'Qua motoriek en uithouding boeren de leerlingen almaar achteruit. Een handbal gooien en aannemen terwijl ze lopen: twintig jaar geleden konden ze het bijna allemaal, nu is dat sukkelen. Voor uithouding: idem. Er zijn zelfs leerlingen die op hun achttiende nog altijd niet kunnen fietsen. Nooit geleerd, altijd met de auto gebracht...'

De Vlaamse jeugd beweegt inderdaad te weinig, bevestigt ook professor Greet Cardon van de vakgroep bewegings- en sportwetenschappen van de UGent. Op de eerste 'Staten-generaal van de Lichamelijke Opvoeding' sinds 1988, die de Bond voor Lichamelijke Opvoeding (BVLO) vandaag organiseert, wil de professor dan ook dringend meer aandacht vragen voor lichamelijke opvoeding. 'Ik wil niet te negatief zijn: Vlaanderen bengelt niet aan het staartje in Europa', zegt ze. 'Meer zelfs: dat wij van de prille kleuterschool tot het laatste jaar secundair twee uur LO per week geven, is uniek. Maar de jongste jaren zijn andere landen meer belang gaan schenken aan LO op school en blijven wij wat achter. In de Scandinavische landen, Polen en Groot-Brittannië gaat het gemiddelde nu al naar drie uur per week.' Het toenemende aantal zwaarlijvige kinderen speelt een belangrijke rol in die trend.

Ook Vlaanderen blijft niet gespaard, zegt Cardon. 'Nu al is een kind op de acht te dik, en dat aantal neemt nog toe. We moeten opletten dat we de VS niet achterna gaan, waar het al een op de vier is.'

Dat de Vlaamse kinderen te weinig aan sport doen, speelt daar een belangrijke rol in. Vooral met de meisjes is het erg gesteld: maar een op de vijf van de Vlaamse 15-jarige meisjes doet drie keer per week twintig minuten intensief aan sport. Ter vergelijking: in de vaak verketterde Verenigde Staten ligt dat cijfer drie keer hoger.

'Veel leerkrachten LO doen nu al inspanningen om hun leerlingen ook buiten de lessen te stimuleren om meer te sporten', zegt Greet Cardon. 'Ze organiseren sportactiviteiten tijdens de middagpauze, ze proberen samenwerkingen te organiseren met sportclubs. Maar met scholen en leerkrachten alleen komen we er niet. Ook in de maatschappij moet er meer aandacht komen voor sport en beweging. Het is tekenend dat noch de politiek, noch de ouderverenigingen veel interesse tonen voor de Staten-generaal van de Lichamelijke Opvoeding. In onze maatschappij wordt LO nog altijd beschouwd als een bijkomstigheid, iets wat gerust kan wegvallen.'

Dat laatste merken ook de leraars van Don Bosco voortdurend in de praktijk. 'Je moest eens weten hoeveel leerlingen er briefjes meebrengen om aan de lessen LO te ontsnappen', zegt Eddy Donné. 'Je mag de dokters niet in twijfel trekken, maar soms loopt het de spuigaten uit', stelt collega Paul Schroé. 'Als je dan een opmerking maakt, lachen sommige leerlingen je gewoon uit. Omdat ze weten dat hun ouders hun LO-prestaties toch totaal onbelangrijk vinden.'

De BVLO dringt vandaag aan op meer lessen LO op school. 'Internationaal is de norm dat jongeren tot 18 minstens één uur per dag moeten bewegen', zegt Cardon. 'Vandaar onze vraag om één uur per dag LO te geven, minstens op de vier volle lesdagen. Daar moeten niet eens wetten voor worden veranderd: het kan eigenlijk nu al. We roepen de onderwijskoepels en de scholen nu op om die mogelijkheid ook te gebruiken. We moeten dringend iets doen voor de groeiende groep van sportzwakke en inactieve leerlingen.'



Corrigeer

IN HET NIEUWS

Verkiezingen in jouw gemeente:

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees