Bekende vishandelaar Guido Meersschaut verkocht tien jaar vis in Oude Vismijn

‘Veerleplein wordt weer trekpleister'

De visstand van de familie Meersschaut in vervlogen tijden. repro fvv Foto: © Frederiek Vande Velde

GENT - Guido Meersschaut werkte ooit bijna tien jaar als visverkoper in de Oude Vismijn. We trokken met hem naar het gerenoveerde pand. ‘Ik zie de film van mijn jeugd weer voor mij. Maar ik ben zeer blij dat het gebouw zijn oude glorie heeft teruggewonnen. Het is prachtig', zegt hij.

Guido Meersschaut trok de deur van de Oude Vismijn achter zich dicht bij de sluiting in 1961. Sindsdien is hij er nog maar een keer terug geweest, hoewel hij maar enige huizen verder woont en vele jaren een zaak had in het vlakbij gelegen Vleeshuis.

‘Het was te emotioneel voor mij. Ik kon er niet binnengaan. Mijn grootvader, mijn pa, mijn nonkel, iedereen werkte er', zegt hij. Hij is onder de indruk van de renovatie. ‘Het heeft lang geduurd, maar het is prachtig. Het zal een succes worden, ook door de ligging en het uitzicht dat je vanuit de brasserie hebt. Vroeger was het Veerleplein een geweldig commercieel plein. Dat zal opnieuw zo worden.'

‘Mijn familie verkocht in de Oude Vismijn vis sinds 1846. Mijn moeder nam me al mee in de kinderwagen en als kind liep ik hier elke dag rond. Toen ik veertien jaar was, ben ik hier beginnen werken. Van 1952 tot 1961 heb ik hier vis verkocht', vertelt hij. ‘Er leven nog visverkopers uit die jaren zoals Agnes Verleye, mijn broer Hugo en François Maselijn die garnalen verkocht. Ik zie dat allemaal nog voor mij, als in een film.'

We staan in de grote multifunctionele zaal van de Oude Vismijn. Op een tussenverdieping hangt een aquarium. Daarin zit de keuken. Door grote glazen wanden kun je de koks volgen. De nieuwe chef Stéphane Toublanc steekt zijn hand op. ‘Die hal hier noemden wij de Tsjiepkensdreef. Wellicht omdat hier veel vrouwen vis verkochten en die nogal tateren zoals je weet', zegt hij lachend.

‘De beste vis werd verkocht aan de kant van het water, de slechtste aan de kant van de Rekelingenstraat. ‘Wat ze daar durfden verkopen, dat zou vandaag niet meer kunnen. Er was veel verschil in kwaliteit. Wij hoorden bij de goede verkopers', vertelt hij.

Vis werd toen op een berg ijs uitgestald. Dat ijs lag op een plank die op een arduinen sokkel rustte. In de kelders werd het ijs in bakken opgeslagen. ‘Met mijn broer moest ik soms twee dagen lang niets anders doen dan blokken ijs van 25 kilogram stuk kappen. Daarna mocht ik beginnen aan de stand waar kabeljauwkoppen werden verkocht. Vandaag kappen ze die er al op zee af', vertelt hij. ‘Weet je dat tijdens de oorlogen die kelders vol gepekelde haring lagen? Haring heeft veel mensen door de oorlog geholpen.'

De familie Meersschaut had zeven standen in de Oude Vismijn. ‘Ik herinner me vooral de ongelooflijke sfeer. We lachten de hele dag en haalden veel grappen uit. We durfden ook met klanten lachen. Iedereen kwam hier, van hoog tot laag. En veel kleurrijke figuren.'

In 1961 besloot de stad de Oude Vismijn te sluiten. Toen waren er nog ongeveer dertig visverkopers. De familie Meersschaut kon naar het Groot Vleeshuis verhuizen. Daar bouwde Guido Meersschaut een zaak uit die wijd en zijd bekend werd. Vandaag exploiteert hij nog steeds zijn eigen zaak in Ledeberg.

In de loop der jaren huisvestte de Oude Vismijn een bandencentrale, een bowling en een carwash. Het gebouw stond vijftien jaar leeg, tot in 2005 eindelijk met de renovatie werd begonnen.

Guido Meersschaut heeft ook wat kritiek wanneer hij de kaart van brasserie Bord'eau bestudeert. ‘Er zou wat meer vis mogen opstaan. In mijn restaurant werden destijds dertig soorten vis geserveerd. Ik zat natuurlijk bij de bron. In een zaak als deze brasserie is dat niet mogelijk.'

Meer foto's uit de oude doos op www.gentenaar.be

Corrigeer

Auto's in de kijker

Vastgoed

Jobs in de regio