Venezolaan Roberto Rosales met AA Gent vanavond dan toch aan de bak

‘Voetballen bij min zeven, dat snap ik niet'

‘Voetballen bij min zeven, dat snap ik niet'

Foto: gia

Al weken aan een stuk is hij een sterkhouder bij de Buffalo's, maar zaterdag op Daknam liep het wat minder voor Roberto Rosales (20). Van schaatsen hebben ze in Venezuela dan ook nog nooit gehoord. Gelukkig kan de veldverwarming vanavond haar werk doen. Marc Reunes

Half september liepen we de ouders van Rosales voor het eerst tegen het lijf. Elke dag weer op het oefencentrum, benieuwd als ze waren naar de vorderingen van hun naar het verre Europa uitgeweken telg. Ze raakten er niet over uitgepraat: leuke stad, Gent. Ja, zelfs het klimaat viel reuze mee. Al die zorgen waren voor niks geweest. Dan klinkt dat verhaal nu toch iets anders. Weer zijn papa Roberto senior en mama Soraya samen met jongere broer Harold (11) op bezoek in België. Maar veel liever slaan ze nu toch een training over.

‘Ze durven nauwelijks buiten te komen', lacht hun voetballend familielid Roberto junior. ‘Naar de match in Lokeren zijn ze wel geweest, maar ze hebben nog nooit zoveel kou geleden. Af en toe trekken we in de vooravond naar de ijspiste in open lucht, in het centrum van de stad. Maar voor de rest blijven we lekker binnen. Logisch, want het temperatuurverschil is heel groot voor hen. In Caracas is het nu tussen de 25 en de 30 graden. Mijn moeder en mijn broertje zagen voor het eerst sneeuw, ze hielden niet op met het nemen van foto's. Zelf ben ik in mijn derde winterperiode al redelijk aangepast. Maar het blijft afzien.'

Niet bang om een blessure op te lopen?

‘Zaterdag, bij het begin van de match, toch wel een beetje. Ik kan moeilijk begrijpen dat je moet voetballen bij een temperatuur van min zeven. Ik heb hier al in heel moeilijke omstandigheden gevoetbald, maar dergelijke extreme koude heb ik nog nooit meegemaakt. Groot probleem voor mij is nog altijd het aantrekken van gepast schoeisel. In het begin vind je het allemaal prettig: sneeuwballen gooien, heerlijk. Maar na een tijdje gaat ook dat vervelen. Ik vind het wat raar dat we net nu doorvoetballen, want van de Belgische competitie is toch bekend dat er veel buitenlanders rondlopen. Maar ik mopper niet. We zijn profvoetballers, dit moeten we erbij nemen. Ik ben trouwens al veel langer gewoon om in het buitenland in mijn eentje mijn plan te trekken. Nauwelijks vijftien jaar oud zat ik soms weken in het buitenland voor een internationaal jeugdtornooi. Dat went.'

Wat heeft kerstavond voor jou in petto?

‘We moeten het rustig houden, Preud'homme geeft ons duidelijke richtlijnen gegeven. Maar het zal toch gezellig worden. We weten nog niet waar we afspreken, in Brugge of in Gent. Maar zeker is dat we afspreken met Ronald Vargas en zijn familie, die momenteel ook in het land is. Daarnaast nodigen we enkele Venezolaanse vrienden uit. Maar natuurlijk zou ik nu liever in mijn geboorteland zijn. In Caracas is Kerstmis altijd een gigantisch familiefeest. Kerstmis in de warmte, het heeft ook wel iets. Nonkels, tantes, neven en nichten, de grootouders... iedereen wordt erbij betrokken. Dat mis ik nu wel.'

Het verhaal wil dat jij altijd beter speelt als je vader hier in de buurt is.

‘Zou kunnen. Mijn vader was altijd heel streng voor mij, daar pluk ik nu de vruchten van. Modestia, sacrificio y disciplina. Bescheidenheid, opoffering en discipline. Zijn levenslessen zijn ondertussen ook de mijne geworden. Hij weet ook heel wat van voetbal, is trouwens nog altijd trainer van de vrouwen onder twintig van FC Caracas. Voetbal zit onze familie gewoon in het bloed. Mijn broertje Harold speelt momenteel bij Deportiva Gulima, de club waar ook ik begon. Soms als rechtsachter, soms als verdediger. Nu al durf ik te voorspellen dat hij beter wordt dan ik. Al moet hij nog leren om het voetbal ernstig te nemen, want voorlopig is het een echte speelvogel.'

Rechts achterin, daar speel ook jij. Ben je eigenlijk niet meer een middenvelder?

‘Mijn idool is Roberto Carlos, dat zegt genoeg. Ik bewonder de manier waarop hij altijd weer die flank afloopt, hoe hard hij op doel kan trappen. Ook ik probeer me altijd offensief uit te leven. Maar het soort me allerminst dat Preud'homme me achterin uitspeelt. In defensief opzicht leer ik heel veel bij en dat maakt van mij een completere voetballer.'

Slotvraagje: hoe heb jij de heisa rond de bekermatch tegen Germinal Beerschot beleefd?

‘Na de competitienederlaag begin november zijn we tuk op revanche. Sindsdien hebben we alleen nog maar gewonnen. Dat willen we zo houden.'

Corrigeer