24(!)-jarige Tsjech mist enkel de GVA-Trofee om een Grand Slam te pakken

Stybar staat verder dan Albert en Nys

Zdenek Stybar ontving gisteren zijn cheque van 26.000 euro als winnaar van de Superprestige. Vijftien jaar na Radomir Simunek Sr is hij de tweede Tsjechische eindlaureaat uit de 28-jarige geschiedenis. Hugo Coorevits

Na zijn Tsjechische titel, de Wereldbeker en de regenboogtrui behaalde de 24-jarige Vlaamse Tsjech nu zijn vierde prijs. In normale omstandigheden pakt hij naast de Gazet van Antwerpen-Trofee veldrijden die in principe naar Sven Nys gaat. Anders had de nieuwe wereldkampioen een Grand Slam gepakt, zoals Sven Nys in die wonderbaarlijke winter van 2004-2005 waarin voor de ‘Kannibaal van Baal' alles lukte.

Zdenek Stybar heeft alles om op termijn een erelijst à la Nys uit te bouwen. De Tsjech heeft talent, kracht én een meer dan normale dosis veldrittechniek. Mentaal zit hij heel evenwichtig in elkaar. Daarmee leunt hij niet enkel dichter aan bij Nys dan bij Albert, maar hij heeft ook twee gaven die de beste Vlaamse crosser uit de moderne geschiedenis ontbreekt. Hij is in de spurt razendsnel en is bij wereldkampioenschappen absoluut niet onder de indruk van het belang van dat uurtje cross.

Waar plaatsen we Zdenek Stybar dan op de eeuwige ranking? Het is moeilijk om generaties te vergelijken, zeker in een discipline als het veldrijden waarin de Superprestige en Wereldbeker producten zijn van de moderne tijden. De Superprestige bestaat nog maar sinds 1982, en de Gazet van Antwerpen-Trofee veldrijden was in de vorige eeuw nog een puur Kempense aangelegenheid. Een UCI-ranking (op basis van gewonnen punten in allerlei soorten crossen) bestond al evenmin in de tijd van Erik De Vlaeminck en Roland Liboton. Hun palmares zou er nóg anders hebben uitgezien.

Vierentwintig jaar en nog geen twee maanden oud was hij die laatste dag van januari. Daarmee is hij absoluut niet de jongste wereldkampioen. Zo was Erik De Vlaeminck nog geen 21 jaar toen hij in het Baskische Beasain in 1966 zijn eerste van zijn zeven wereldtitels pakte. Niels Albert en Lars Boom waren jongere wereldkampioenen dan Zdenek Stybar. Dé grote verdienste van Zdenek Stybar is dat hij op zo'n jonge leeftijd zo'n hoge regelmaat etaleerde. Begin oktober in Treviso werd hij nog belachelijk gemaakt door Niels Albert, net als Sven Nys die toen al de Wereldbeker verloor. In de eerste twee manches van de Superprestige leek hij goed te zijn voor een heel voorname bijrol in Hét Grote Duel tussen Sven Nys en Niels Albert. Pas op 21 november won hij zijn allereerste grote cross in Hasselt, maar daarna bleef hij ontzettend ‘hoog' crossen. Stybar deelde met Telenet-Fidea zijn seizoen heel goed in en het zat ook dikwijls mee. Valpartijen en lekke banden waren hem vreemd.

Stybar staat op 24-jarige leeftijd wél verder dan Sven Nys, Bart Wellens (op zijn 24ste ook wereldkampioen en Wereldbeker), Niels Albert of Lars Boom die allebei nog geen regelmatigheidscriterium wonnen. Stybar mist enkel nog de Gazet van Antwerpen-Trofee om alles al eens gewonnen te hebben. ‘Ik besef heel goed dat het moeilijk wordt om dit jaar te evenaren', zei hij gisteren.

Corrigeer